Eindelijk een eerlijk Hollands drama zonder ironie en kabaal

,,Godverdomme! Die schuit is rot!'' Visser en reder staan woedend tegenover elkaar in Heijermans' Op hoop van zegen. De harde reder wil een wrak schip laten uitvaren – de verzekering betaalt toch wel uit – de dronken visser waarschouwt hem voor het naderende onheil. Met stemverheffing proberen de twee boven het lawaai van buiten uit te komen. Daar woedt geen storm op zee, als in het stuk, maar klinken de toeters en bellen van De Parade.

Een van de eigenaardigheden van het reizende festival is dat je tijdens een voorstelling de concurrerende artiesten dwars door het tentdoek heen hoort. Voor de meeste artiesten is dat aanleiding om zelf nog meer lawaai te maken, en om de aandacht vast te houden door simpele, vette happen op te dienen. Zo niet regisseur Helmert Woudenberg. Onder de titel Moeder, Hoer of Kwezel brengt hij met zijn groep Studio 5 drie Hollandse drama's, teruggebracht tot hun essentie in een half uur: Rooie Sien (Marius Spree), Verlos ons van de boze (Jan Staal) en Op hoop van zegen.

Woudenberg probeert niet de drama's met ironie behapbaar te maken. Hij houdt het simpel, conventioneel en serieus. Dus staan in de kleine, onversierde tent de huilende, wachtende, hopende vissersvrouwen in originele klederdracht bijeen. De reder is een ouderwetse schurk, de opstandige Geert een authentieke vooroorlogse revolutionair. Kniertje, die haar zonen aan de reder en de zee uitlevert, is dit keer geen zielig besje of harde volksvrouw, maar een gezellig, groot moederdier dat niet van ruzie houdt. Jammer dat in deze liefdevolle bewerking de rol van Barendje is gesneuveld. Daardoor missen we het dramatische moment dat Kniertje onvermoed het bange kind de dood instuurt.

Toen de vier Ashton Brothers vorig jaar nog gewoon kleinkunststudenten waren, gooiden ze op het ITs festival reeds hoge ogen met hun programma De tragiek van de onderman. Het kwartet dook sindsdien overal mee op en gaat er volgend seizoen mee op tournee, en is deze zomer zeer op zijn plaats op De Parade. De vier zijn sterke clowns die zwijgend enkele onnavolgbare slapstick-acts opvoeren. Gestunt met een circusfietsje, een ladder, en een tafel met een onvermoed luik; het kunstje is klein maar het komisch effect groot. De komieken trekken eenvoudig een T-shirt over hun hoofd om in eng giechelende kobolden te veranderen. Hoogtepunt is de sketch waarin twee van de Brothers de geslachtsdelen in de broek van de twee anderen spelen; de een lusteloos in de broek hangend, de andere gespierd en fier opgericht.

De Parade: 1. Moeder, Hoer of Kwezel. 2. De tragiek van de onderman. Gezien 26 juni Museumpark, Rotterdam. Aldaar t/m 30 juni. Tournee: Den Haag 5-14 juli. Utrecht19-28 juli. Amsterdam 2-18 aug. Inl. 033-465 4577 of www.deparade.nl.