Japans

De Japanse keuken is zeer in trek. Japanse restaurants schieten als noedels uit de grond. Over niet al te lange tijd voorzie ik een uitbreiding van onze taalschat met het woord `afhaaljap'. De `afhaalchinees' is tegen die tijd een volledig vergeeld fossiel geworden. Het is maar goed dat Wim Kan het niet meer heeft hoeven meemaken.

Is het een aanwinst, dat Japanse gekokkerel? Mijn ervaringen zijn nog te schaars en gemengd om daar een oordeel over te kunnen vellen. Ik heb bij de Japanner rijstschotels-met-kip gegeten waar zó weinig kip inzat, dat zelfs de salmonellabacterie op de rand van mijn bord verdrietig voor zich uit zat te staren.

Maar een recent bezoek aan een vooraanstaand Japans restaurant leek veel goed te kunnen maken. Restaurants associeer ik niet zo gauw meer met het weinig chique begrip `smullen'. Daarvoor zijn de porties vaak te klein en is de sfeer te vormelijk. Smullen mag sowieso niet meer, daar word je maar dik van. Maar bij deze Japanner zat ik opeens weer ouderwets te smikkelen, zoals dat vriendje van vroeger dat thuis slecht te eten kreeg en bij ons altijd aanviel met de kreet: ,,Lekker vleesje!''

Alles liep dus naar wens. De shabushabu, de yakitori en de sukiyaki vlogen ons als gebraden duiven in de mond. Toen gebeurde er iets dat niet zozeer de smaak van het voedsel, alswel de algehele waardering voor het restaurant op de proef stelde. De maaltijd was tot halverwege gevorderd, er waren ook al de nodige drankjes gebruikt. Omdat je al snel te schielijk gaat drinken, vroeg ik de Japanse serveerster om een glaasje of kannetje water.

,,Spa blauw?' vroeg ze.

,,Nee, gewoon water, graag.''

,,Water?''

,,Ja, water, leidingwater.''

,,Dat mogen we u niet geven.''

,,Pardon?''

,,Kijk, als we iedereen leidingwater gaan geven, verdienen we er niets meer aan.''

Het kwam er even plompverloren als goudeerlijk uit, zoals wel vaker bij mensen die de taal niet helemaal machtig zijn. Maar het maakte de waarheid er niet minder hard om.

Daar zaten we dan met ons goede eetgedrag. Wij hadden onbekrompen besteld en ingenomen, maar nu wij om een piepklein gunstje vroegen, gaf het restaurant niet thuis. We konden ons niet herinneren dat we dit in andere restaurants eerder hadden meegemaakt daar werd liever op de tournedos bezuinigd dan op het kraanwater.

Zei dit misschien iets over de zakelijke, Japanse volksziel? Gaat de zon in het oosten nooit voor niets op? Dat kon ik niet beoordelen. Het zei in ieder geval iets over mijn ziel dat ik het maar liet zitten: niet assertief genoeg. Scènes in restaurants vreselijk. ,,Wilt u de baas even roepen?'' Opschudding, stemverheffingen. Ik moet er niet aan denken. Ook als je gelijk krijgt, is de sfeer kapot en zit je woedend verder te kauwen.

Nu lachten we er maar wat om. Als Hollandse boeren met kiespijn.