Amerikanen nog niet op het strand

Een Amerikaans wetsontwerp over mogelijk militair ingrijpen in Den Haag richt zich niet tegen Nederland, maar tegen het Internationale Strafhof.

,,Amerika zet de beuk erin'', constateert prof. dr. Gerard Strijards, Nederlands raadadviseur voor volkenrechtelijke vraagstukken. ,,Maar het beeld zoals Tweede-Kamerleden dat schetsten van Amerikaanse mariniers op het strand van Scheveningen is natuurlijk hysterisch.''

De Amerikaanse Senaat heeft vorige week een wetsontwerp aangenomen dat onder voorwaarden militair ingrijpen in Nederland autoriseert. Geweld zou kunnen worden gebruikt om eventuele Amerikaanse gevangenen van het Internationaal Strafhof, dat per 1 juli in Nederland wordt gevestigd, te bevrijden.

Het wetsvoorstel moet nog worden behandeld in een gezamenlijke vergadering van Senaat en het Huis van Afgevaardigden. Pas daarna wordt het ter ondertekening voorgelegd aan de Amerikaanse president Bush.

,,Bush tekent'', zegt Strijards gedecideerd. Het wetsontwerp is onderdeel van de American Servicemembers' Protection Act (ASPA) en stelt verregaande maatregelen voor om Amerikaanse militairen buiten de jurisdictie van het Internationaal Strafhof te houden.

Het hof (International Criminal Court, ICC) moet verantwoordelijken van misdaden tegen de menselijkheid, ongeacht de nationaliteit van de daders of slachtoffers, gaan berechten wanneer een land waar de misdaden zijn begaan dit nalaat. Op 17 juli 1998 bereikten 161 landen in Rome een akkoord over het instellen van het ICC. Vier jaar eerder waren de onderhandelingen, waaraan namens Nederland Strijards deelnam, begonnen.

De overtuiging dat misdaden tegen de menselijkheid niet ongestraft mogen blijven, ontstond tijdens de Tweede Wereldoorlog. De holocaust maakte duidelijk hoe de mensheid in gevaar wordt gebracht wanneer machthebbers zich boven de wet plaatsen. Ze moeten, vond men, internationaal worden vervolgd als dit niet in eigen land gebeurt. Het Neurenberg-tribunaal bracht in 1945 deze opvatting voor het eerst in praktijk. Het werd gevolgd door het Tokio-tribunaal en het Joegoslavië- en Rwanda-tribunaal.

Twee maanden geleden hadden zestig landen het verdrag geratificeerd en vanaf 1 juli gaat het hof van start. Op oudjaarsdag 2000 tekende de president Clinton het verdrag waarin de statuten van het ICC staan, maar het was direct duidelijk dat zijn opvolger Bush het verdrag niet zou ratificeren. Vorige maand schrapte Bush de handtekening onder het verdrag.

[Vervolg STRAFHOF: pagina 3]

STRAFHOF

'Koudwatervrees bij VS'

[Vervolg van pagina 1]

,,Na 11 september leek het erop dat de Amerikanen internationale samenwerking hoog in het vaandel zouden voeren, maar deze aanvankelijk gunstige ontwikkeling is in de kiem gesmoord'', vindt Strijards, hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Groningen.

De kern van het Amerikaanse probleem is volgens de Amerikaan Terry Gill, docent internationaal recht aan de Universiteit Utrecht, dat staten bereid moeten zijn de jurisdictie van het hof te aanvaarden. Misdaden tegen de menselijkheid komen in principe voor een nationaal hof; wanneer dit niet gebeurt of er is sprake van een `showproces', dan kan de zaak voorkomen bij het Internationaal Strafhof (ICC).

,,Veel Amerikanen zien in een Internationaal Strafhof een inbreuk op de Amerikaanse Grondwet en een aantasting van de Amerikaanse soevereiniteit'', zegt Gill. ,,De voorstanders vrezen ook dat militair personeel in handen van onbetrouwbare elementen valt en een oneerlijk, politiek gemotiveerd proces krijgt.'' Volgens hem is er sprake van ,,koudwatervrees, bij gebrek aan kennis''. De mogelijkheid dat Amerikaanse staatsburgers voor het hof moeten verschijnen is meer theoretisch dan reëel, vindt ook Strijards.

Vorig jaar, op de valreep voor de kerstvakantie, nam de Amerikaanse Senaat al een wet aan die de Amerikaanse president machtigt om met alle middelen, zo nodig met geweld, personen te bevrijden die door of namens het Internationale Strafhof gevangen worden gehouden. Het wetsvoorstel dat vorige week door de Senaat werd aangenomen is daar een amendering op.

,,In december kraaide er geen kamerlid naar'', constateert Strijards. De reactie van de Tweede-Kamerleden nu omschrijft hij als ,,hysterisch''. ,,Een vergelijking met de invasie in Panama is natuurlijk te zot voor woorden.'' Het wetsontwerp is, volgens hem, niet speciaal gericht tegen Nederland als wel tegen het Internationaal Strafhof in Den Haag.

Strijards: ,,Alles op alles moet worden gezet om diplomatiek een oplossing te vinden. Nu zet de VS nationaal prestige in om het ICC om zeep te helpen; dan moet je strategisch opereren.''

Strijards ,,weet zeker'' dat president Bush de wet zal ondertekenen aangezien er veel `uitzonderingsgronden' worden omschreven. Er zijn bijvoorbeeld conservatieve senatoren die alle militaire hulp aan landen die het ICC hebben geratificeerd, willen stopzetten. Dat staat nog steeds in het wetsontwerp, maar in het kader van het landsbelang mag de president daar vanaf wijken.

De handtekening van Bush heeft ,,zeer ernstige gevolgen'' voor het strafhof, meent Strijards. ,,Er is al een ontwikkeling aan de hand waarbij landen als Australië, Turkije en Japan de Amerikaanse opstelling volgen. Ook Groot-Brittannie sluit zich daarbij aan. Het wordt in de startperiode spitsroeden lopen voor het hof.''

Op 1 juli gaat het strafhof van start, toch zal het volgens betrokken Nederlandse ambtenaren nog tot het voorjaar 2003 duren voordat het echt operationeel is en de aanklager nagaat of een klacht in behandeling wordt genomen. De eerste rechtszitting wordt pas over twee jaar verwacht. Maar vanaf 1 juli wordt al wel een systeem opgezet waardoor klachten worden geregistreerd en bewijsmateriaal wordt verzameld. ,,Dat wordt een cruciale fase'', meent Strijards.

,,Er zullen ongetwijfeld aanklachten komen tegen Amerikaanse soldaten. Hoe wordt dat opgepikt, dat is de grote vraag. Opereert het hof diplomatiek dan bestaat de mogelijkheid dat de Amerikanen het hof op termijn anders gaan beoordelen. Ik sluit zelfs niet uit dat de Amerikanen terugkomen op de posities die ze nu innemen.'' De Amerikaan Gill wijst op andere notaire tegenstanders van het ICC. ,,Iran en Libië; geen aantrekkelijke bondgenoten.''