Uitverkoop bij Fiat als schuld te hoog blijft

De Fiat-groep moet belangrijke onderdelen verkopen als de financiële doelen niet worden gehaald. Dat is de voorwaarde waaronder drie Italiaanse banken het in financiële problemen verkerende Fiat te hulp schieten.

De details van het akkoord, dat voorziet in een onmiddellijk kortetermijnkrediet van drie miljard euro en een reeks verdere garanties, zijn gisteravond bekendgemaakt. Fiat hoopt met het akkoord een dreigende afwaardering van zijn schuld door de kredietwaarderingsbureaus Moody's en Standard & Poor's te voorkomen. Zo'n verlaging van de geschatte kredietwaardigheid zou de rentelasten verder hebben verhoogd.

Fiat verplicht zich voor het eind van het jaar zijn netto schuldenlast terug te brengen van 6,6 miljard euro nu tot maximaal 3 miljard euro. Dat moet gebeuren door Ferrari gedeeltelijk naar de beurs te brengen, een paar duizend mensen te ontslaan, en delen van de groep te verkopen. Het bedrijf verplicht zich andere onderdelen van de groep te verkopen als het niet lukt de nettoschuld zover terug te brengen. Hierbij kan worden gedacht aan Toro verzekeringen of Fiat Avio.

Als veiligheidsnet voor Fiat stellen de drie banken zich bovendien voor een periode van drie jaar garant voor een kapitaalsvermeerdering van maximaal drie miljard euro. Dit zou betekenen dat het belang van de familie-Agnelli in de Fiat-groep zou verminderen. De Italiaanse kranten achtten het vanmorgen onwaarschijnlijk dat zo'n kapitaalsuitbreiding noodzakelijk zal zijn, en zien dit meer als een extra poging beleggers gerust te stellen.

De drie banken die deelnemen aan het reddingsplan zijn Intesa-Bci, San Paolo Imi en Banca di Roma, waarin het Nederlandse ABN Amro een belang heeft. Zij doen dit met uitdrukkelijke instemming van de Italiaanse centrale bank, die de afgelopen dagen de ontwikkelingen bij Fiat op de voet heeft gevolgd.

De problemen binnen de Fiat-groep zijn voor het grootste deel te herleiden tot de tegenvallende resultaten van Fiat Auto. De familie Agnelli, die via een getrapte reeks houdstermaatschappijen ongeveer 30 procent van de Fiat-groep controleert, heeft zich tot nu toe verzet tegen het afstoten van Fiat Auto. Maar gisteren sloot Umberto Agnelli verkoop niet uit. ,,Iedereen van ons die om Fiat Auto geeft, moeten zorgen voor de beste werkomstandigheden op de beste manier,'' zei Agnelli. ,,Ik hoop dat dit gebeurt binnen Fiat, maar als dit niet mogelijk is binnen de Fiatgroep, is het onze eerste taak mensen de kans te geven zo goed mogelijk en sereen te werken.''