Kinderarbeid in Mali, trouwe IMF-leerling

Het West-Afrikaanse Mali wordt geprezen om zijn democratie, maar de eenzijdige economie drijft mede op kinderarbeid.

De negenjarige Soumaila peutert met zijn vingers de giftige zwarte kool uit een lege batterij en gooit deze in een emmer. Die zet hij op zijn hoofd en levert de inhoud af bij een smid. De smid zit bij een meters hoge stapel oud ijzer waar jongetjes van Soumailas leeftijd met zware hamers stukken oud metaal pletten. ,,Ik vind dit een leuke baan'', vertelt het jochie, ,,want ik verdien 50 eurocent per dag. Misschien kan ik daarmee over een paar weken schoenen kopen.'' Hij kijkt gehaast. ,,Nu moet ik opschieten hoor, als ik te lang weg blijf, geeft mijn baas me op mijn donder.''

Mali is een in het Westen veel geprezen democratie, maar ook een van de allerarmste landen ter wereld. Kinderarbeid is er heel gewoon. De helft van de kinderen gaat niet naar school en de helft van de bevolking kan lezen noch schrijven. Zo belabberd zijn de sociale indicatoren dat weinig Malinezen goede woorden overhebben voor de regering van president Alpha Konaré. Tienduizenden van hen proberen jaarlijks het land te ontvluchten richting Europa. ,,Hoe kan Mali model staan voor democratisering als de bevolking steeds armer wordt'', sneert de schrijfster Amina Traoré.

,,Wij Malinezen praten veel te veel over politiek en te weinig over de economie'', verzucht Mamadou Lamine Tounkara, voorzitter van Kamer van Koophandel en Industrie, ,,democratie is een middel, niet een doel.'' Mali is de grootste katoenproducent bezuiden de Sahara en de derde exporteur van goud in Afrika. De economie draait, behalve op donorhulp, op deze twee grondstoffen. Het bruto binnenlands product wordt voor 40 procent bepaald door de katoenprijs. Op de internationale markt is die prijs laag. ,,We hebben de afgelopen jaren veel te weinig geprobeerd verscheidenheid aan te brengen in de economie'', aldus Tounkara.

President Konaré toonde zich sinds hij in 1992 werd gekozen tot eerste democratische president van Mali een trouw leerling van het Internationale Monetaire Fonds. Hij liberaliseerde de economie zoals de donorlanden wensten. Als beloning kreeg Mali veel ontwikkelingsgeld. Vanaf 1996 groeide de economie gemiddeld met vijf procent, maar vorig jaar stagneerde de toename. Het nationale katoenopkoopbedrijf, een semi-staatsbedrijf, had op advies van de regering geweigerd de prijs te verhogen, zoals de boeren eisten. De boeren op hun beurt weigerden te produceren, de katoenopbrengst halveerde en de economie maakte een diepe duikvlucht.

,,In een serieuze democratie zou zo'n blunder hebben geleid tot het aftreden van de regering en de president'', zegt de econoom en voormalig IMF-medewerker Oumar Makalou. ,,De politici begrijpen niet hoe een economie moet worden beheerd. Het ontbreekt de regering aan een visie, daarom heb ik weinig op met deze democratische façade. Ik zeg niet dat democratie een luxe is, maar de prioriteiten van een arm land als Mali zijn economische en sociale ontwikkeling.'' Hij bepleit als prioriteit de diversificatie van de economie. Bovendien zou Mali pleitbezorger moeten worden van internationale subsidie voor katoen, een plan waar de kleine importerende landen wel oog voor hebben maar Frankrijk, dat vrijwel alle Malinese katoen importeert, niet.

Malinezen zijn door de eeuwen heen befaamde handelaren geweest. Het magische Timboektoe was eindpunt van de karavaanroute door de Sahara waarbij goud tegen zout werd geruild. En nog steeds houden Malinese zakenlui zich in alle uithoeken van de wereld op. ,,Het IMF hoeft ons niet te leren wat de vrije markt is'', zegt de schrijfster Amina Traoré schamper, ,,het probleem is dat het niet onze markt is, maar een markt van de rijke landen.''

Om die afhankelijkheid te doorbreken zou Mali waarde moeten toevoegen aan de katoen door een eigen textielindustrie op te bouwen. ,,Ons probleem is dat we altijd handelaren zijn geweest, geen producenten. We verkopen katoen en importeren prachtige stoffen uit Duitsland en Nederland'', betoogt de landbouweconoom Mbaye Yade, werkzaam aan het Institut du Sahel in Bamako. ,,We zouden de democratie moeten gebruiken om aan dit soort absurditeiten een einde te maken. Dat is de enige oplossing om Mali uit de cyclus van armoede te halen.''