De juwelen van Goutum

Vroeger baltsten de grutto's boven het dorp. Toen kon iedereen nog meepraten over het weer en het vee. Toen had je die hele cultuur van het eierzoeken nog. En van de stad zag je alleen de Oldehove maar, die eeuwig struikelende kolos op de Boterhoek – nu heeft Leeuwarden echte hoogbouw in het centrum en reiken de gletsjertongen van haar buitenwijken al tot over het Van Harinxmakanaal.

Anne Venema beziet de wereld vanuit Goutum. Hij is pas 44 en in zijn `vroeger' klinkt al iets onherstelbaars door.

Op een rustige namiddag rijden we het dorp uit, langs de boerderij waar zijn vader zat, waar nu zijn broer zit. Dus daar botsen de belangen al binnen de familiekring: Anne die de polder wil behouden, Sake die vindt dat ze maar eens moesten gaan bouwen; hij heeft geen opvolger op het bedrijf en wil zo onderhand wel geld zien.

We zetten onze fietsen aan de Hounsdyk tegen een boom. Hier staat het karkas van een Amerikaans windmolentje op de kop van de sloot. ,,Vroeger'', zegt Anne,,,hadden we veertig boeren in het dorp en die hadden allemaal hun eigen ideeën over het beste waterpeil.'' En werkelijk, als je om je heen kijkt: overal de karkassen van Amerikaanse windmolentjes.

We lopen het weiland in. Het jengelende geluid van kievit, het scheurende van watersnip, het brutale van grutto, het beschroomde van tureluur. Eén groepje rundvee, hokkelingen van broer Sake. Kou en droogte hebben het gras kort gehouden. Het is ook pas 23 april.

Goutum ligt in een driehoek van snelwegen. Je ziet ze rijden, auto's, honderden auto's, maar je hoort ze niet, wat een heel eigenaardige gewaarwording is. Net of iemand eindelijk een manier heeft gevonden om dát geluid uit te zetten. Maar het zullen de atmosferische omstandigheden wel zijn – een blauwachtige hemel met doodstille wolkensluiers. Kennelijk gaat het lawaai vandaag rechtstreeks het luchtruim in.

,,Is het niet prachtig?'', zegt Anne bij het eerste kievitsnest. Vier eitjes in het rond, kunstig geglazuurd aardewerk. ,,Is het niet prachtig?'' Van de veertig boeren, waarover we het zo-even hadden, zijn er nog zes over en van die zes hebben er vijf hun grond op termijn verkocht aan de gemeente of een projectontwikkelaar. Minimaal €113.400 per hectare, daar kan geen koe tegenop.

Kort na de oorlog al werd Goutum bij Leeuwarden gevoegd. Eind jaren zeventig kwamen het dorp en zijn Aldlân in beeld bij de locatiestudie voor een grote stadsuitbreiding. Half jaren tachtig werd het desbetreffende bestemmingsplan vastgesteld en daarmee werden de agrarische ontwikkelingen hier tot staan gebracht. Géén ruilverkaveling in Goutum.

Je ziet het aan de loop van de Mirdumervaart, een slenk van de voormalige Middelzee. Je ziet het aan bochtige slootjes en droge greppeltjes, aan het reliëf tussen en in de percelen, aan de waas van zuring en pinksterbloemen over het gras, aan een eilandje van geknikte vossenstaart. Je ziet dat dit oud land is en dat je dat nog kunt zien komt doordat Leeuwarden eerst maar ergens anders is gaan bouwen.

,,Nu hebben we weer uitstel gekregen tot 2010'', zegt Anne. Hijzelf heeft bij de gemeente een plan ingediend om het gebied als een soort openluchttheater in te richten – je laat het middenterrein ongemoeid en zet er de onvermijdelijke woningen van laag naar hoog, als tribunes, omheen. Maar hij neemt aan dat de polder uiteindelijk verloren zal gaan.

Intussen zijn we bij het vierde kievitsnest aangeland. ,,Is het niet prachtig?'' Eerst dacht ik dat Anne dit zei om mij een reactie te ontlokken, nu begrijp ik dat het, na al die jaren nog, de zuivere weergave is van zijn eigen geestdrift.

Oud land dus, en boeren die hun slag al hebben geslagen, die kalmpjes aan kunnen doen. Het resultaat: een paradijs voor weidevogels.

De kievit is weliswaar afgenomen (het zijn vooral de vrouwtjes die de voorkeur geven aan maïsakkers), maar de tureluur neemt toe en de gruttopopulatie heeft hier in de loop der jaren een ongehoorde dichtheid bereikt, het aantal broedparen is van 25 naar 60 tot 70 gegaan.

Deze aanwas getuigt niet alleen van de kwaliteiten van het Goutumer Aldlân, maar ook van de nijpende armoede elders. Hier is beslist sprake van een toevloed van asielzoekers.

,,Dit is een van de beste terreinen van Friesland'', zegt Anne en hij kan het weten, hij is weidevogelcoördinator bij de provincie. ,,Dit zit dik in de top-20. En bij Sneek, bij Bolsward en bij Drachten liggen ook zulke terreinen, allemaal toekomstige uitbreidingsgebieden.''

Het gaat dus zo: de gemeente claimt een stuk grond als bouwterrein, dit terrein wordt vervolgens een tijdlang met rust gelaten, de natuur maakt zich er gretig van meester, vogels stromen juichend toe en opeens is het doodzonde dat er ooit gebouwd zal gaan worden. Maar dat kan de gemeente natuurlijk ook niet helpen.

Nu stuiten we eerst nog op een zwerm kemphanen. Die zijn op doortocht. Die broeden hier niet. Die hebben hier gebroed. ,,Volgens mijn vader'', zegt Anne, ,,zaten ze dáár, waar je dat benzinestation ziet.'' Ja, dat viel al voor zijn vader in de categorie `vroeger'.

En dan vinden we eindelijk een gruttonest. Eén ei. Het mannetje draait met zijn buik een stuk of zes, zeven nestkuiltjes in het gras. Het vrouwtje maakt daar haar keuze uit en legt er het eerste ei in, en dan wacht ze tot het mannetje zich daaraan committeert. Dan komt hij zó aanlopen (Anne helt ietwat achterover en tilt zijn benen overdreven hoog op) en dan kijkt hij zó over de rand van het nest (Anne kijkt benieuwd over de rand van het nest), en dan kan zij, het vrouwtje, verder met haar werk.

Eén grutto-ei, in alle opzichten groener dan een kievitsei, maar minstens zo kunstig geglazuurd. Even denk ik aan Fabergé-eieren, maar dan realiseer ik me dat ik iets anders bedoel. Ik bedoel eigenlijk matroesjka-poppetjes. Neem je de tussenschakels van vogels voor lief, dan ligt daar een ei met een ei erin met een ei erin enzovoorts.

Vrij laat dit jaar. De kou, de droogte. Normaal leggen ze het eerste ei op 18 april. Op de 23ste is het legsel dan compleet en op 14 of 15 mei zijn er jongen. ,,Bijna de helft van alle grutto's komt op die dagen uit'', zegt Anne. Een ei met een ei erin met een ei erin enzovoorts. En net als matroesjka-poppetjes kunnen grutto-eieren alleen maar een illusie van oneindigheid oproepen. Je begrijpt het idee, maar op een gegeven moment kom je toch bij het eind, het laatste poppetje, het laatste ei.

Grutto's in de context van de planologie van Leeuwarden. Zij hebben daar natuurlijk geen weet van, ze doen gewoon wat hun natuur hun ingeeft om te doen en dan zijn wij het die hun slagen of falen in verband brengen met beslissingen van het stadsbestuur. Zo leven deze vogels in net zo'n ingewikkelde wereld als wij, maar zij hoeven er tenminste niet in te geloven.

Over de Hounsdyk lopen we terug naar de fietsen en daar is ook dat vervallen Amerikaanse windmolentje weer. Het kraakt een beetje in de wind. Desolaat en een beetje dreigend komt dit geluid op je over, een herinnering aan Once upon a time in the West.

,,Goutum is een forenzendorp geworden'', zegt Anne. ,,We hebben hier een jeugdvogelwacht en nou zouden we op 3 mei het veld ingaan, maar dan blijkt driekwart van de kinderen in het buitenland te zitten. Daar kan ik met mijn verstand niet bij. In mei ga je toch niet uit Friesland weg?''