Pasta met lentegroenten

Gebruik voor dit lentegerecht kleine, zeer jonge, verse artisjokken. Zet een kom koud water met het sap van 1 grote citroen klaar. Snijd de steeltjes van de artisjokken tot circa 5 cm van de bodem af. Trek de taaie buitenbladen ervan af tot u bij de lichtgroene en paarse binnenbladen komt. Leg de artisjok op de zijkant en snijd de taaie, groene bovenkant van de bladen af. Snijd de artisjok in de lengte doormidden, schep er met een lepel het hooi uit en gooi dat weg. Schil de steel en snijd de artisjok in de lengte in dunne plakken. Dompel ze onmiddellijk in het citroenwater, zodat ze niet verkleuren.

Giet de artisjokken af en laat ze goed uitlekken. Verhit 4 eetlepels olijfolie in een grote koekenpan op een middelhoog vuur. Doe er de artisjokken in en bestrooi ze met zout en peper. Laat onder af en toe omscheppen circa 5 minuten bakken. Leg er het deksel op en laat nog circa 5 minuten bakken, of tot ze bijtgaar zijn. Neem de pan van het vuur.

Verhit de rest van de olijfolie in een koekenpan op een middelhoog vuur. Doe er de ui en waspeen in en bak die in circa 7 minuten bijna gaar. Voeg de asperges, doperwtjes, het water en wat zout en peper toe. Laat een paar minuten koken tot de asperges bijtgaar zijn. Schep er de tomaten en de artisjokken met hun kooknat door en laat circa 5 minuten koken. Schep er de spinazie door en laat een paar minuten koken tot die net geslonken is.

Kook intussen de pasta bijtgaar in een grote pan kokend water. Giet de pasta af. Schep eenderde van de saus in een voorverwarmde dienschaal. Voeg de pasta toe en schep er de rest van de saus over. Dien op en geef de Parmezaanse kaas er apart bij.