Radu Lupu is perfect pianist

Bij de muziek wordt schoonheid vaak verward met iets dat de oren achterover doet leunen in een gemakkelijke stoel, zo beweerde de componist Charles Ives. De Roemeense meesterpianist Radu Lupu leunt zélf achterover in een veredelde keukenstoel achter de vleugel, maar zijn magische toucher dwingt bij de aanwezige oren optimale concentratie af. Dat heeft alles te maken met de optimale helderheid en de ontroerende schoonheid van Lupu's toonvorming, waarin geen enkele concessie wordt gedaan aan `toevalligheden' zoals de technische moeilijkheidsgraad van bepaalde passages, het relatieve belang van een tussenstem of de manifestatiedrang van het ego om zich als een klaterende waterval op te dringen aan het ruwe notenmateriaal.

Lupu sublimeert zichzelf tot een metafysisch medium, en laat alle noten tot zich komen. Eén voor éen worden ze tot leven gewekt en gekoesterd in het tedere licht van zijn verfijnde kunstenaarsschap. Als zingende eenheden neemt Lupu de noten op in organisch ademende muzikale weefsels, die getuigen van een subliem design en een overweldigende kleurenpracht.

Bij Lupu vloeien tegenstrijdige passages en contrasterende stemmingen in elkaar over alsof ze allemaal opborrelen uit dezelfde bron, alsof verdriet uiteindelijk hetzelfde is als vrolijkheid, en dramatiek hetzelfde als intieme lyriek. En daarom is Lupu de beste Schubert-speler onder de pianisten, beter dan wie ook in staat om donkere schaduwen op te laten lossen in stralende sterrenhemels, of een hagelbui in zonlicht dat teder door lichtgroene bladeren schijnt, en vice versa.

Maar niet alleen in Schuberts Impromptu in c op. 90 nr. 1 D 899 en de Sonate in c D 958 manifesteerde Lupu zich als een buitengewoon sensitieve musicus. Ook zijn intense vertolking van Beethovens tweedelige Sonat nr. 27 in e op. 90 was in alle opzichten verrassend en overweldigend. Lupu tovert met kleine details van de gebruikelijke fraseringen. Hij legt net even andere accenten, benadrukt schijnbaar onbetekenende stemmen, mengt akkoorden tot unieke klankkleuren, en `ademt' met exentrieke eigenzinnigheid. En zo herschiep Lupu ook de Sonate nr. 1 in fis op. 24 van zijn landgenoot Enescu tot een hallucinerende ontdekkingsreis over de nachtelijke steppen van Roemenië, waar de volksmuziek volgens Enescu uitdrukking geeft aan `de expressie van droefheid, zelfs midden in geluk.'

Concert: Radu Lupu (piano). Programma: Schubert, Beethoven, Enescu. Gehoord: 28/4 Concertgebouw Amsterdam.