VOORSCHRIFTEN

Nederland heeft eigen specifieke voorschriften voor het dragen van onderscheidingen. Zodra een drager van een lintje de grens over gaat, dient hij zich te houden aan de voorschriften in dat land, behalve op officiële Nederlandse gelegenheden aldaar. De draagwijze stamt nog uit de tijd dat de lintjesregen vooral de hogere klasse ten deel viel. Het rokkostuum was tot 1999 de absolute ondergrens voor kleding waarop een lintje gedragen mocht worden. Maar omdat de lintjes na de invoering van het nieuwe decoratiestelsel steeds vaker naar `gewone' mensen gaan, is nu ook een smoking toegestaan. Dat wil zeggen: sjerpen en plaques mogen niet. Daarvoor is een ambtskostuum, uniform, rokkostuum of cocktailjurk vereist. Een jacquet of `wandelkostuum' mag geen modelversieringen of miniaturen van ridderorden dragen. Wel is een draagteken van de ridderlijke graad in het knoopsgat toegestaan. Wie een lintje ontvangt, kan zich maar beter aan de ingewikkelde voorschriften houden. Het onbevoegd dragen van een onderscheidingsteken is namelijk strafbaar.

Koninklijk onderscheiden personen krijgen bij de uitreiking een groot model. Het is eigenlijk niet de bedoeling dat deze wordt gedragen, behalve als de ontvanger op bezoek zou gaan bij de koningin of als het om een zeer speciale gelegenheid gaat. Het Blauwe Boekje (door S. de Vries en D.J. Klanker, 1999) over etiquette, stelt zelfs dat bescheidenheid gepaster is dan trots: ,,wel ontvangen, niet dragen'', luidt het advies. ,,Bij een gelegenheid waarbij u zelf niet in de belangstelling staat, maar te gast bent, laat u de onderscheiding natuurlijk achterwege. Het gaat niet om u, het gaat om de ander.''

Mensen die toch willen tonen dat ze een koninklijke onderscheiding hebben ontvangen, kunnen overigens een rozet kopen bij hofleverancier Van Wielik in Den Haag. Rozetten mogen worden gedragen in de knoopsgaten van dagelijkse kledij.