Jörg van Albanië

Toen de rechts-populistische FPÖ van Jörg Haider twee jaar geleden toetrad tot de Oostenrijkse regering, stond de internationale gemeenschap op haar achterste benen. Nu kan de tussenbalans worden opgemaakt. `Oostenrijk is nog wel een democratie, maar op het randje.'

Voor 70 miljoen kijkers maakte de rechtspopulistische politicus Jörg Haider deze week bekend dat hij wel kanselier van Oostenrijk wil worden. Zeventig miljoen kijkers van de Arabische tv-zender Al-Jazeera wel te verstaan. Na een tiental reizen aan Arabische landen, zijn vriendschap met de zoon van Khaddafi en zijn recente bezoek aan Saddam Hussein was het de zoveelste flirt van Haider met de Arabische wereld. Zijn bijnaam luidt dan ook `Jörg van Arabië'.

De Oostenrijkse regering intussen moest voor de zoveelste keer met kromme tenen toekijken hoe de drijvende kracht achter de regeringspartij FPÖ het land weer eens op een rare manier in het nieuws bracht. Sinds Haiders FPÖ twee jaar geleden toetrad tot de coalitie met de conservatieve ÖVP, heeft Oostenrijks bekendste politicus de spanningen in het kabinet regelmatig hoog doen oplopen. Treffend voor de politieke verhoudingen was de cartoon die begin februari verscheen in het dagblad Die Presse, op het moment dat de rechts-populistische coalitie `vierde' dat zij twee jaar aan de regering was: de tekening toont ÖVP-kanselier Wolfgang Schüssel en vice-kanselier Susanne Riess-Passer van de FPÖ, droevig tegen elkaar aangeleund en allebei met een feestmuts op. Op de achtergrond een fles champagne. De setting lijkt een feestje waar de gasten niet zijn komen opdagen. ,,Ik ben zo ongelukkig met je', verzucht Riess-Passer tegen Schüssel. ,,Ik ook met jou', antwoordt de premier. ,,Maar we gaan niet uit elkaar, hoor!', zegt Riess-Passer weer. Schüssel: ,,Nee, die lol gunnen we ze niet.'

Hoewel officieel slechts gouverneur van de afgelegen provincie Karinthië, heeft Haider dankzij een verdeel-en-heers-politiek nog steeds alle touwtjes binnen zijn partij in handen: zijn partijgenoten sidderen voor die onberekenbare man die de partij groot maakte en verreweg de grootste stemmentrekker is. Die formeel geen enkele macht heeft, maar op de achtergrond de enige baas is binnen de FPÖ. Zo hebben niet minder dan vijf FPÖ-ministers in de afgelopen twee jaar het veld moeten ruimen. Niet omdat het parlement hen dwong tot aftreden, maar omdat ze onbekwaam bleken of Jörg Haider loyalere vrienden vond om die posten te bekleden.

Niet alleen in zijn eigen partij, ook binnen de coalitie is Haiders macht groot: door voortdurend oppositie te voeren tegen de regering is Haider een politieke factor waarmee rekening dient te worden gehouden. ,,Haider bevindt zich al jaren in een spagaat', zegt Antonia Gössinger, chef van de politieke redactie van de Kleine Zeitung, het grootste dagblad van Karinthië. ,,Hij is een van de bekendste politici ter wereld, maar tegelijkertijd is hij niet meer dan een soort burgemeester. Keizer in Karinthië. Dat stoort hem. Wat hij eigenlijk wil is premier van Oostenrijk worden, maar hij voelt ook wel aan dat er daarvoor te veel gebeurd is. Dat is een van de redenen dat hij zich gedraagt als een oude Hollywood-diva die koste wat het kost aandacht wil trekken.'

Zo organiseerde Haider in januari een referendum tegen de kerncentrale in het Tsjechische Temelin, net over de grens met Oostenrijk. Zijn eis: de kerncentrale moest dicht, anders zou Oostenrijk zijn veto uitspreken over de toetreding van Tsjechië tot de Europese Unie. Ondersteund door een campagne van het rechtse boulevardblad Kronenzeitung leverde het referendum ruim 900.000 handtekeningen op.

Pluche

De regering belandde in een onmogelijke positie: moest ze toegeven aan de eis van de FPÖ-voorman en zo de relatie met Tsjechië op het spel zetten? Of moest ze het officiële regeringsbeleid blijven volgen met het risico dat het tot een breuk met de FPÖ zou komen? De derde mogelijkheid – dat de FPÖ haar leider tot de orde zou roepen en hem zou herinneren aan het regeerakkoord – is ondenkbaar: daarvoor zijn de extreemrechtse politici veel te bang voor de man die hen in het pluche hielp en hen daar even snel weer uit kan verwijderen. Dit maakt dat de FPÖ liever oppositie voert tegen zichzelf dan kritiek uit op Haider. ,,Die houding heeft ook te maken met de oude strijd tussen Wenen en de periferie', aldus Peter Gstettner, hoogleraar pedagogiek aan de universiteit van Klagenfurt. ,,Om de `kleine man' te laten zien wat hij waard is, buit Haider die eeuwige wrijving uit, ook al zit zijn eigen partij in de regering.'

Slechts met zwijgen, sussen en recht praten wat krom is lukte het kanselier Schüssel op wonderbaarlijke wijze om de coalitie in het zadel te houden. De balans van de Temelin-kwestie: een verstoorde relatie met de Tsjechen, die niet gediend waren van Haiders vijandige retoriek, en een deuk in de coalitie.

Haider deelde nog meer klappen uit in de weken rondom het regeringsjubileum. Aangemoedigd door het succes van zijn Temelin-referendum, eiste hij kort daarop dat Tsjechië de beruchte Beneš-decreten zou intrekken, de wetten die de Tsjechische premier Beneš in 1945 tekende en die voorzagen in onteigening en verdrijving van de zogeheten Sudeten-Duitsers. De pijn over die vernedering wordt nog altijd diep gevoeld in Oostenrijk, en Haider, buitenlandervijandig als hij is, zag daarin een ideaal thema om te stoken tegen het buurland. De Tsjechen reageerden, bij monde van de opvliegende premier Zeman, als door een wesp gestoken en over en weer vielen harde woorden.

Maar de belangrijkste klap in het gezicht van de coalitie was Haiders reis naar Irak, medio februari. De tv-beelden waarop te zien is hoe hij Saddam Hussein 25 seconden lang de hand schudt en ,,de groeten van het Oostenrijkse volk' overbrengt sloegen in als een bom in Oostenrijk, waar niemand, maar dan ook niemand op de hoogte was van Haiders reisplannen.

De repercussies waren groot: de VS waren woedend over het feit dat aartsvijand Irak bezoek kreeg van een politicus uit een `fatsoenlijk' land, de VN repten van een onderzoek of het embargo tegen Irak niet was geschonden, de FPÖ was in grote verlegenheid omdat men zelfs op het partijbureau in Klagenfurt van niets wist, de carrière van ÖVP-minister van Buitenlandse Zaken Ferrero-Waldner leek even ten einde doordat ze van niets wist, kanselier Schüssel zweeg op dit cruciale moment in alle talen en vice-kanselier Riess-Passer, op bezoek in Washington, wrong zich voor de camera's in allerlei bochten om te bezweren dat het een privé-reis betrof.

De door Haider veroorzaakte rellen hadden een staartje: voor het eerst werd binnen zijn eigen partij openlijk kritiek geleverd op de leider. Minister Karl-Heinz Grasser van Financiën liet weten dat hij persoonlijk nooit naar Irak zou zijn gegaan, minister Scheibner van Defensie zei ,,de grootste tegenstanders van de FPÖ, dat zijn wij zelf' en FPÖ-fractieleider Peter Westenthaler vond dat de coalitie in alle rust moest kunnen regeren.

De afvalligheid van zijn troepen raakte Haider tot in het diepst van zijn ziel. Hij besloot dat zijn partij het dan voortaan maar zelf moest uitzoeken, als ze het beter wisten. Hij belde de staatszender ORF voor een interview en maakte met de woorden ,,bin schon weg' bekend dat hij zich terugtrok uit de landelijke politiek – waar hij officieel slechts een bescheiden functie bekleedde in een kabinetscommissie – en zich alleen nog bezig zou houden met Karinthië.

Het ongeloof was groot in Oostenrijk: Haider die zich tevreden zou stellen met een bescheiden podium in Karinthië? In alle toonaarden speculeerden Haider-watchers over het waarom van zijn besluit. Door zich terug te trekken in Karinthië zou hij nog beter oppositie kunnen voeren, meenden velen. ,,Haider gebruikt de regering om zó sterk te worden dat hij na de volgende verkiezingen zelf premier kan worden. Zijn terugtrekking heeft niets te maken met internationale druk of met druk uit de partij', aldus hoogleraar Peter Gstetter. Anderen menen dat Haider echt gekwetst was door de tegenstand en de partij wilde straffen. Het was slechts de zoveelste mediashow in zijn loopbaan, dachten weer anderen.

Alle hoop van Haider-tegenstanders dat Oostenrijk eindelijk weer een normaal land zou worden werd nog geen 24 uur na Haiders tv-optreden de grond ingeboord, toen hij liet weten bereid te zijn de regering met raad en daad terzijde te blijven staan. Typerend voor de FPÖ: het crisisberaad dat volgde op Haiders `ontslag' ging niet over de reis naar Irak, maar vooral over de vraag of fractieleider Westenthaler te handhaven was na zijn kritiek op Haider. Nadat de politieke carrière van de man dagen aan een zijden draadje had gebungeld, nam Haider ten slotte de rol van deus ex machina op zich en besloot dat Westenthaler voorlopig aan kon blijven. Einde Haider-show, de positie van `der Jörg' als de enige echte leider was weer bevestigd.

Manisch depressief

Het waren, kortom, topmaanden voor de narcistische Haider, die nooit genoeg camera's om zich heen kan hebben en van wie sommige Oostenrijkse psychiaters menen dat hij manisch-depressief is. Dit zou het aanhoudende patroon van lange stiltes gevolgd door spectaculaire `media-shows' verklaren. Antonia Gössinger van de Kleine Zeitung: ,,Haider geeft dagelijks een persconferentie in Klagenfurt, ook als er geen nieuws is. Als achtergrond gebruikt hij een wand vol knipsels over hemzelf. Bijna allemaal negatief, maar dat maakt hem niet uit.'

Haiders optredens hebben altijd één ding gemeen: ze brengen Oostenrijk in diskrediet. Want hoe serieus kan de internationale gemeenschap een land nemen waarvan een prominent politicus bij Saddam op de thee gaat? Of een politicus die zijn ambities op een Arabische zender bekendmaakt? En hoe ver is een rechtsstaat afgegleden als een politicus uitspraken van de rechter naast zich neerlegt, zoals Haider deed toen hij weigerde om meer tweetalige plaatsnaamborden in Karinthië te plaatsen? Of zich over de hoogste rechter in het land, Ludwig Adamovich, hardop afvraagt of ,,iemand met zo'n achternaam' wel legaal in het land verblijft? ,,Oostenrijk is nog wel een democratie, maar op het randje', meent Alfred Worm, hoofdredacteur van het tijdschrift News, dat met grote regelmaat schandalen onthult over de FPÖ en door Haider regelmatig werd aangeklaagd. ,,Hij tast de rechtsstaat aan.'

De feitelijke politieke situatie na twee jaar extreem-rechts is dat Haider de twee regeringspartijen in gijzeling houdt. Schikken beide zich niet naar zijn grillen, dan is het over en uit met deze regering. De intern zeer zwakke FPÖ kan namelijk niet anders dan de man die haar groot maakte volgen; de ÖVP kan om die reden geen al te grote stampij maken over Haiders handel en wandel zonder dat de coalitie breekt. Want ook premier Schüssel kan rekenen: een FPÖ zonder Haider trekt weinig stemmen en levert dus geen meerderheid meer voor een kabinet.

De positie van vice-premier Susanne Riess-Passer is om diezelfde reden een wassen neus. Hoewel Haider zich in het openbaar graag laat ontvallen dat hij `slechts de assistent van Susanne' is, is niets minder waar. Riess-Passer is een marionet van Haider en een toptalent in het negeren van pijnlijke kwesties, al zou ze tijdens het crisisberaad na de Irak-reis vertwijfeld hebben uitgeroepen: ,,Ik wil niet de helft van de tijd bezig zijn met rellen sussen.' Meer dan een brugfunctie tussen de regering en Haider heeft ze niet. Hoe zeer de FPÖ in de ban is van de voorman uit Karinthië bleek wel na Haiders aankondiging zich terug te trekken uit de nationale politiek. In plaats van stille opluchting voortaan verlost te zijn van de man die het kabinet telkens weer in verlegenheid brengt, was de partij in opperste paniek. Want zonder Haider geen FPÖ, weten de rechts-populisten.

,,Die aanhankelijkheid onder Haider-fans lijkt op een soort verliefdheid', analyseert Klaus Ottomayer, hoogleraar psychologie in Klagenfurt en auteur van diverse publicaties over de FPÖ-voorman. ,,Je kunt het een beetje vergelijken met het Stockholm-syndroom bij gijzelaars: verbondenheid om de eigen angst te overwinnen.'

Verloedering

Valt er nog iets positiefs te melden over politiek Oostenrijk? Wie het van de optimistische kant bekijkt, kan zeggen dat het gezien alle spanningen een klein wonder is dat van regeren überhaupt nog sprake is. Zelf oordeelde het duo Schüssel/Riess-Passer bij de `tussenbalans' in februari dat 60 procent van de verkiezingsbeloftes is ingelost: zo is de kinderbijslag ingevoerd, voldoet de begroting aan de Maastricht-norm, is het pensioenstelsel hervormd en is een schadevergoedingsregeling tot stand gekomen voor nazi-slachtoffers en krijgsgevangenen. Critici wijzen liever op hetgeen nog moet worden geregeld: onder andere de inkrimping van het omvangrijke ambtenarenapparaat, de hervorming van de perssubsidies, de belastinghervorming en de liberalisering van de winkelsluitingstijden. Woordvoerder Christoph Neumayer van de werkgeversorganisatie Industriellenvereinigung moet hard lachen als hem gevraagd wordt naar positieve geluiden over de regering: ,,Ik kan niet zeggen dat er veel positiefs gebeurd is. Maar men neemt wel sneller besluiten tegenwoordig. Oostenrijk heeft een moderniseringsimpuls gekregen, terwijl het land onder de vorige coalities echt stil stond.'

De oppositie was beduidend minder zachtzinnig over de regering. De Groenen spraken naar aanleiding van alle rellen van ,,verloedering van de republiek', de socialistische partij SPÖ noemde de coalitie ,,totaal verrot'.

Ook premier Schüssel weet wel dat het niet lekker is gelopen, die eerste twee jaar. Begin dit jaar al vroeg hij de Oostenrijkers om ,,een tweede kans' voor zijn regering bij de volgende verkiezingen. En na de spanningen van februari werd er een persconferentie belegd waarop beide partijen de boodschap ,,Wir haben uns wieder lieb' uitdroegen. Medio maart, toen ook de rook rond Haiders Irak-reis weer opgetrokken was, ging de blauwzwarte familie een weekendje naar de Wolfgangsee om te praten. De boodschap aan de buitenwereld: het gaat fantastisch, we werken weer en we zijn het helemaal eens.

Precies op dat moment verpestte de ÖVP in Karinthië de sfeer weer door aan te kondigen dat er een onderzoekscommissie zou worden ingesteld om Haiders reis te onderzoeken.

De toekomst is ongewis in politiek Oostenrijk. Als het de regering lukt om de eindstreep te halen, is het zeer de vraag of de coalitie na de verkiezingen terugkeert. Want de FPÖ staat er niet goed voor in de peilingen: volgens een enquête van het dagblad Der Standard van eind maart loopt nog maar 18 procent van de bevolking warm voor de FPÖ in de regering. 45 procent wil de FPÖ er per se niet meer in hebben en 74 procent van de ondervraagden vindt dat Haider een minder belangrijke rol moet gaan spelen. Daar komt bij dat de FPÖ de afgelopen twee jaar alle tussentijdse provinciale verkiezingen heeft verloren.

Wat zijn de alternatieven? Of de socialistisch-conservatieve coalitie, die decennialang regeerde en tot op de draad versleten was toen zij in 2000 van het toneel verdween, alweer levensvatbaar is, is maar de vraag. ,,De ÖVP hecht erg aan de macht', aldus Hans Rauscher, commentator van het dagblad Der Standard. ,,Decennialang hebben de socialistische SPÖ en de ÖVP met elkaar de regering gevormd. Daarbij was de ÖVP altijd de juniorpartij. Een coalitie met de FPÖ was voor de ÖVP een gouden kans om onder de dominantie van de socialisten uit te komen. Sinds 1966 hadden ze al geen premier meer mogen leveren.' Logisch dus dat beide grote partijen niet staan te trappelen om het volgend jaar weer met elkaar te proberen.

Een roodgroene coalitie kan ook: 27 procent van de bevolking gaf aan de Groenen wel in de regering te willen. Fractieleider Alexander van der Bellen loopt zich in elk geval al warm.

Tot die tijd moeten premier Schüssel en zijn vice-premier het als een treurig echtpaar in een slecht huwelijk zien uit te zingen met elkaar: niet met elkaar en niet zonder elkaar. Want de lol van een breuk, díe gunnen ze hun critici niet.