Straatkinderen hebben geen rolschaatsen

Straatkinderen uit elf steden hebben hun leven gefotografeerd. Hun werk is samengevoegd in een reizende expositie die de hele wereld overgaat.

In de broeierige, bijna apocalyptische sfeer rond het treinstation zijn ze meestal te vinden, de straatkinderen van New Delhi. Volgens sommigen zijn het er wel driehonderdduizend en ze vormen de moeilijkst bereikbare groep voor hulpverleners. Want straatkinderen hechten aan hun vrijheid: gaan en staan waar ze willen, slapen wanneer ze willen, hoeven zich niet te wassen en mogen roken en drinken.

Ze hebben allemaal een eigen verhaal, maar die verhalen lijken op elkaar. Achtergelaten door jonge moeders, gevlucht uit tirannieke families, misbruikt, seksueel of anderszins; maar zielig zijn ze nooit.

In de jaren tachtig wilde de Indiase regisseuse Mira Nair een film over ze maken. Ze gaf aan een paar straatkinderen acteerlessen, die prompt internationale prijzen wonnen voor hun acteurkunst. Een deel van de opbrengst van de film, `Salaam Bombay' (1988), werd gebruikt om een centrum op te richten waar de kinderen van de straat zonder verplichtingen in en uit mogen drentelen. Ze kunnen er eten, slapen, onderwijs en medische zorg krijgen, en toch weggaan wanneer ze willen.

In een kleine kamer zit een aantal van hen te luisteren naar een fotograaf. Ze doen mee aan het wereldwijde project Homeless World, waarbij `straatkinderen' uit elf grote steden hun eigen leven fotograferen. In Rotterdam hebben kinderen deelgenomen die door de rechter uit huis zijn geplaatst. Het project (www.homelessworld.org) is een Nederlands initiatief en in juni begint een reizende tentoonstelling in Jakarta. Komend najaar komt de expositie naar de Kunsthal in Rotterdam.

De kinderen van New Delhi zullen nu horen welke van hun foto's door een jury in New York zijn verkozen voor de tentoonsteling en welke twee deelnemers naar Jakarta mogen voor de opening. De fotografie-docent is streng. De kinderen hebben al vier workshops gehad en ze moeten nu toch eindelijk kunnen vertellen waarom ze hun foto juist zo hebben genomen en niet anders? Compositie, perspectief, schaduwwerking, en de kinderen krabben zich het hoofd. Archana van dertien maakte een foto van een bedelares die aan het eind van de dag haar muntjes telt. De vrouw zit met gespreide benen op de grond en het is alsof ze een dobbelspelletje speelt. Waarom Archana deze foto maakte? Ze lacht bedeesd; omdat ze deze vrouw toevallig kende – is dat een goede reden?

Aan het begin van het project begrepen ze niet precies wat de bedoeling was. Ze maakten foto's van bloemen en een ging zelfs naar de dierentuin om kiekjes te maken van tijgers. Maar langzaam begon het ze te dagen. Er kwamen foto's van de omgeving rond het treinstation, van puin en vuil en van slapende kinderen op straat. Ook actiefoto's, een dikke man die tegen een kindje te keer gaat, twee jongens die elkaar de hand geven en beloven niet meer te zullen vechten.

Archana mag straks naar Jakarta, samen met de tweede grote winnaar, Gautam, van wie maar liefst vier foto's door de jury zijn geselecteerd. Gautam, guitig gezicht, tien jaar, wil later danser worden en als dat niet lukt, nou ja, fotograaf dan maar. Hij kan in ieder geval uitstekend vertellen over zijn foto's. Een naakt kindje dat gehurkt naar de hemel kijkt: ,,Het is of het kindje bidt'', interpreteert Gautam. Twee kleine meisjes die een maaltijd delen met een broertje: ,,Zo kan het ook'', zegt Gautam, ,,in plaats van steeds het voedsel uit elkaars mond te stelen, zoals gewoonlijk gebeurt.'' Maar het aardigste verhaal hoort bij de foto van een jongen op rolschaatsen. ,,Kijk, dat is het verschil tussen `huiskinderen' en straatkinderen'', legt Gautam uit. ,,Straatkinderen, die hebben geen rolschaatsen.''