Ouder worden en blijven twijfelen

Film en strip worden vaak met elkaar vergeleken. Maar naast de vele overeenkomsten van deze twee visuele, verhalende media, zijn er net zoveel verschillen. Voor een strip hoef je bijvoorbeeld veel minder te organiseren, omdat er maar één, hooguit twee mensen (een scenarist en een tekenaar) aan werken. Als het boek klaar is, kan de uitgever aan de slag met het drukken en de promotie. Vandaar dat je over strip bijna nooit een `making of' ziet of leest. Over een spectaculaire film met veel stunts en talloze medewerkers is gemakkelijk een uur te vullen. De problemen die twee stripmakers ondervinden bij het produceren van een stripboek, leveren echter te weinig materiaal. Zou je in eerste instantie denken, maar de Franse tekenaars van de successtrip Meneer Johan bewijzen het tegendeel met Dagboek van een strip.

In dit dagboek vertellen ze om de beurt hun belevenissen terwijl ze werken aan het derde deel van de Meneer Johan-serie (Vrouwen en kinderen eerst, waarin Meneer Johan definitief afscheid moet nemen van zijn studentikoze leven als twintiger). Het bedenken en uitwerken van Meneer Johan blijkt minder soepel te verlopen dan je na lezing van de onweerstaanbare boeken zou verwachten. Hun gezamenlijke alter ego Meneer Johan wordt weliswaar geconfronteerd met het volwassen worden (werk, relaties en vrouwen die op een gegeven moment kinderen willen), maar ondanks getob, blijft de toon van de autobiografisch getinte boeken luchtig en fris.

In Dagboek van een strip blijkt dat de makers zwaarder tillen aan het verliezen van hun onbezorgde jeugdigheid. Met name Philippe Dupuy portretteert zichzelf op een genadeloze wijze die even herkenbaar als grappig is. Zoals de kwelduivels van het ouder worden die hem steeds onzeker proberen te maken: `Petje op, T-shirt en een spijkerjasje aan, gympies... net een puisterige puber! Echt, op jouw leeftijd kleed je je niet meer zo!' En zo gaat het gepest maar door. Ondertussen twijfelt hij aan zijn huwelijk dat minder swingend verloopt dan in het verleden. De depressiviteit van Dupuy wordt in een droomscène prachtig verbeeld. Hij loopt in een gang met rare perspectieven. Achter elke deur schuilt een situatie die hij wil vermijden, dus blijft hij wanhopig op de gang staan twijfelen.

Met Charles Berbérian gaat het ook niet zo goed, al is hij minder zwaar op de hand dan Dupuy. Hij baalt steeds van zichzelf als hij weer een middagje cd's gaat kopen en hamburgers eet, terwijl hij eigenlijk moet werken. Ook hij wil maar niet echt volwassen worden en verantwoordelijkheden accepteren.

Echt hilarisch wordt het als Berbérian op een camping wordt uitgenodigd om over zijn werk te praten. Er komt bijna niemand opdagen en de mensen die er zijn kennen zijn werk niet. Ook wordt weer de vraag gesteld hoe de samenwerking tussen de twee nu precies verloopt. Dat wordt geduldig uitgelegd – heen en weer sturen van ideeën, constant overleg en geen strakke rolverdeling scenarist-tekenaar – maar uit het Dagboek zelf wordt het mysterie helemaal duidelijk. Je begrijpt precies met welke problemen de twee kampen, hoe ze tot een idee komen, op wat voor manier hun eigen leven wordt verwerkt tot verhalen en dat ze allebei Meneer Johan kunnen tekenen. Ze gebruiken bijna dezelfde stijl, maar in de ongepolijste variant van het Dagboek zie je de verschillen. Berbérian werkt iets schetsmatiger en Dupuy vult de tekeningen meer op.

Tegelijk met Dagboek van een album verschijnt het vijfde deel van Meneer Johan. Dat begint in New York, waar Johan en Cathy inmiddels een dochter hebben gekregen. Johan voelt zich in de Big Apple niet thuis en de twee besluiten terug te keren naar Parijs. Daar heeft zijn nietsnutterige vriend Felix met zijn zoontje Eugene een puinhoop gemaakt van Johans appartement. Hij is nog steeds werkloos en weigert de ernst van de situatie in te zien als de medewerkster van de sociale dienst (Liette) langskomt voor een serieus gesprek. Felix verzint wat smoezen over `belangrijke projecten' en probeert haar te versieren.

Als er sprake is van een erfenis van zijn oma gloort er een lichtpuntje voor Felix. Zijn broer weet echter te vertellen dat dit kapitaal tijdens de Tweede Wereldoorlog is verzameld en dat het `bloedgeld' is. Felix laat zich oplichten en doet afstand van het erfdeel. De broer doet dat niet en Felix blijft berooid achter als de morele winnaar. Als Liette hier lucht van krijgt, verandert haar beeld van Felix opeens en ziet ze hem wel zitten.

En zo volgen we wederom 64 bladzijden lang de levens van Johan, Felix, Cathy (die zwanger is van een tweede kind) en de vriendenkring, die de vaste lezers van de serie allemaal goed hebben leren kennen. Het is allemaal een stuk hectischer geworden met de komst van Julie en alle andere kinderen die opeens overal opduiken. De existentiële angst voor verantwoordelijkheden is inmiddels overwonnen en nu draait het om het vormgeven van het drukke bestaan. En ook dat levert voldoende stof op voor hun briljante serie die een prachtig tijdsbeeld geeft.

Dat Meneer Johan een van de populairste en artistiek meest interessante stripseries van deze tijd is, blijkt ook uit het feit dat er tot 14 april een omvangrijk overzicht is ingericht in het Belgische Leuven. Daar hangen veel originelen, illustratiewerk en affiches, die ook zijn gebundeld in de fraaie catalogus Quatre-mains op papier.

Philippe Dupuy en Charles Berbérian: Mr. Johan 5, Het houdt niet op. Oog & Blik, 56 blz. E12,50

Dagboek van een strip. Oog & Blik, 128 blz. E14,95

Quatre-mains op papier. Beeld Beeld, 32 blz. met cd-rom. E22,50