`Terug naar een openbaar landschap'

Landschapsarchitect Dirk Sijmons heeft uitgesproken ideeën over het Nederland van morgen. Gesprek met een bevlogen `inrichter van de buitenruimte'.

Gisteren werd bekend dat landschapsarchitect Dirk Sijmons unaniem is voorgedragen voor de tweejaarlijkse Maaskantprijs-Rotterdam. De prijs van vijftigduizend euro en een oorkonde wordt hem in november uitgereikt.

Terwijl de fine fleur van de architectuur en ruimtelijke ordening na de debatten over de `Tien Grote Projecten' uit de Architectuurnota in het Nai-gebouw van de koffie nipt, voorspelt Sijmons met enthousiaste gebaren een zonniger toekomst voor de inrichting van Nederland.

Als het aan hem ligt, is ons land in 2030 de schaamte voorbij. Nu overheerst nog het gevoel dat alles wat de mens bouwt en aanlegt een ramp voor de natuur is, en een vernietiging van het landschap. Sijmons voorspelt een betere samenwerking op het gebied van architectuur en ruimtelijke ordening waardoor nieuwe projecten zullen bijdragen aan de schoonheid van het land, in plaats van het te bederven, zoals het traject van de HSL. ,,De HSL meandert als een roller coaster door ons land, het gevolg van honderden lokale compromissen.'' Een gemiste kans, vindt Sijmons. ,,De mogelijkheid om je als land te presenteren hebben we laten liggen. Denk je eens in, een treinrit langs de Deltawerken en over de Kreekraksluizen, met prachtige vergezichten voor de reizigers.'' De soms goede bedoelingen van Kamerleden missen hun doel volledig: ,,Om het Groene Hart te sparen is gekozen voor een tunnel, maar als iemand het ontwerp even voor hen had uitgetekend, was er een alternatief gezocht. Wat een ecologische verbinding had moeten zijn, wordt een gruwelijke barrière.''

Sijmons noemt het Groene Hart een Planologische Leerstelling. ,,Iedere nieuwe minister roept als hij aantreedt dat het gebied gespaard moet blijven, terwijl de feitelijke ontwikkelingen het tegendeel laten zien: meer bedrijventerreinen en nieuwbouwwijken. Het is een nederlagen-strategie.''

Het verdient volgens hem de voorkeur om de toenemende verstedelijking als een gegeven te beschouwen, en vervolgens echte keuzes te maken voor plekken die de moeite waard zijn om te conserveren. ,,Er liggen nog briefjes van duizend in het Groene Hart, zoals de Ronde Venen, het Vechtpad, de Nieuwkoopse Plassen. Die verdienen het voor altijd te worden veiliggesteld. Aan de andere kant is Mijdrecht een lelijke droogmakerij, laat die maar verstedelijken.''

In de essaybundel = Landschap van bureau H+N+S, waarvan Sijmons directeur is, worden kritische noten gekraakt over stadsbewoners die de buitenruimte willen handhaven als het decor van hun jeugdherinneringen, terwijl het Nederlandse landschap de afgelopen eeuw juist constant in beweging is geweest. Sijmons schetst drie ingrijpende gebeurtenissen die het landschap volledig op zijn kop hebben gezet. De uitvinding van de kunstmest omstreeks 1860, die leidde tot een ongekende ontginningsdrift van de zandgronden. Ten tweede de ruilverkaveling na de Tweede Wereldoorlog, die Mondriaan-achtige patronen in het landschap veroorzaakte. En de laatste, niet minst belangrijke verandering, was de verregaande verstedelijking. Sinds 1850 is het stedelijk oppervlak verdriehonderdvoudigd, een proces dat vooral op gang kwam door de behoefte aan voedsel. Nederland is als exporteur van landbouwproducten op de kaart gezet, maar Sijmons ziet de agrariërs nu in een spagaat belanden door de mondiale ontwikkelingen en prijsafspraken, waardoor de akkerbouw dreigt te verdwijnen. ,,Onze grondprijzen zijn te hoog om te kunnen blijven concurreren op de wereldmarkt. En de eisen van milieu en markt zijn strijdig met elkaar.''

Sijmons verwacht dat de ordelijke agrarische landschappen zullen verdwijnen en pleit voor het gedeeltelijk ongedaan maken van de ruilverkaveling. ,,Bij de ruilverkavelingen zijn tussen de 35.000 kilometer aan onverharde wegen en kerkenpaden verloren gegaan. Wanneer we die herstellen zouden ze als toeristische attracties wel eens een van de economische pijlers van de toekomst kunnen worden. We moeten ons landschap weer openbaar maken.''

Sijmons' belangrijkste pleidooi is dat elk project dat nu wordt uitgevoerd ook op schoonheid moet worden getoetst. ,,Ik vind dat de projecten die we in de nabije toekomst gaan uitvoeren we over tweehonderd jaar even fantastisch moeten vinden als we nu de droogmakerijen uit de 17de eeuw beoordelen. Cultuurhisorie wordt vandaag gemaakt.''

Dirk Sijmons zat als landschapsarchitect samen met stedebouwkundigen en mensen van de ruimtelijke ordening in het ontwerpteam van IJburg bij Amsterdam. Wanneer de nieuwe woonwijk in het water is voltooid, zal blijken of deze bredere vorm van samenwerking inderdaad een toegevoegde waarde geeft aan de inrichting van onze buitenruimte.

Boek: = Landschap. Samenst. Dirk Sijmons. Uitg. Architectura + Natura, E22,50.