Lerarentekort

De onderwijsinspectie verwacht dat het lerarentekort nog zal toenemen (NRC Handelsblad, 18 april). De komende jaren zullen veel oudere docenten de mogelijkheid benutten om op 61/62-jarige leeftijd het onderwijs te verlaten met behoud van 70/75 procent van hun salaris (de regeling voor Flexibel Pensioen en Uittreden). Vaak betreft het zeer ervaren docenten die nog een paar jaren door willen blijven werken. Momenteel is de situatie zo geregeld door overheid/Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) dat deze docenten het eerste jaar geen toeslag ontvangen. Pas vanaf het 62ste jaar staat hier een minimale toeslag tegenover, die in geen verhouding staat tot wat de overheid in beide gevallen bespaart aan FPU-uitkering. Om deze ervaren docenten voor het onderwijs te behouden en zo een belangrijke bijdrage te leveren aan het oplossen van het lerarentekort, zou de overheid de besparing van de FPU geheel of gedeeltelijk aan deze docenten moeten doen toekomen. De overheid besteedt tonnen aan reclamespotjes en bijscholing voor zij-instromers. Beter ware het de docenten te behouden door hun een aanzienlijk deel van de besparingen te doen toekomen. Wil de overheid echt wat doen aan het lerarentekort, dan zal ze alle mogelijkheden moeten benutten en belonen.Ik ben zelf een enthousiaste docente van 61. Ik werk nu nog zonder toeslag door, maar ik houd ermee op als de overheid niets doet.