De dubbele angst van Franse joden

Franse joden zitten ingeklemd tussen angst voor Le Pen en angst voor antisemitische agressie door moslims, die Le Pen juist wil aanpakken.

`Een ware ramp', `een aardbeving' de organisaties van Franse joden en die voor de mensenrechten en tegen racisme en anitsemitisme zijn eensgezind in hun verontwaardiging over het doordringen van de extreem-rechtse Jean-Marie Le Pen tot de tweede ronde van de presidentsverkiezingen. Eensgezind ook hebben ze de kiezers opgeroepen op 5 mei op Jacques Chirac te stemmen. De Union des Etudiants Juifs de France (UEJF), de joodse studentenorganisatie, hoopt op `een vloedgolf tegen de vreemdelingenhaat'. Ook de CRIF, de Vertegenwoordigende Raad van Joodse Instellingen, heeft opgeroepen op Chirac te stemmen.

Dat laatste lijkt vanzelfsprekender dan het is. De CRIF, opgericht in de Tweede Wereldoorlog, heeft zich altijd onthouden van stemadviezen om politisering van de organisatie te voorkomen. Maar dat is niet de enige reden waarom het stemadvies opvalt. Roger Cukierman, voorzitter van de raad, liet in het Israëlische dagblad Ha'aretz op de dag na de verkiezingen een heel ander geluid horen. Hij zei te hopen dat de overwinning van Le Pen het islamitische antisemitisme zou inperken en dat `de moslims eruit zouden begrijpen dat ze zich rustig moeten houden'.

Cukiermans opmerkingen houden verband met het toegenomen aantal aanslagen tegen joodse gebedshuizen en bezittingen in Frankrijk, sinds het begin van de tweede intifada in 2000. Er blijkt een duidelijk verband tussen het oplaaiende conflict in het Midden-Oosten en de anti-joodse agressie in Frankrijk, dat ongeveer vijf miljoen moslims van Arabische herkomst herbergt en met 700.000 zielen de grootste joodse gemeenschap van Europa.

Tussen eind maart en half april van dit jaar registreerde de politie 395 daden van antisemitsche aard, bijna evenveel als in het anderhalve jaar daarvoor. In de eerste vier maanden van 2002 werden 34 `ernstige' aanslagen gepleegd, zoals het in brand steken van synagoges, tegenover vijf in dezelfde periode vorig jaar. Volgens Patrick Klugman, voorzitter van UEJF, is het `bijna ondoenlijk' alle incidenten bij te houden. Bovendien verandert volgens hem de aard ervan: meer dan voorheen is de agressie gericht tegen de joodse burger in plaats van tegen de instellingen die hem vertegenwoordigen.

Cukierman heeft inmiddels laten weten dat zijn woorden `verdraaid' waren, zonder evenwel om een rectificatie te vragen. Zijn opmerkingen hebben protest uitgelokt in de joodse gemeenschap. Vijftien jaar geleden beweerde Le Pen dat de holocaust `niet meer dan een detail van de geschiedenis' was. Volgens rabbijn Daniel Fahri, voorzitter van de Mouvement Juif Libéral de France, konden de opmerkingen van Cukierman dan ook `slechts tweedracht zaaien'. ,,We weten heel goed waar we aan toe zijn met (-) Jean-Marie Le Pen. (-) joden en moslims zitten in hetzelfde bootje''. Patrick Gaubert van de Ligue Contre le Racisme et l'Antisémitisme (LICRA) zei dat hij de voorkeur had gegeven aan `een vredesboodschap in plaats van een oorlogsverklaring'. Radio Shalom noemde Cukiermans reactie `verkeerd en imbeciel'.

Toch staat Cukierman niet alleen. De Franse joden, die door de Israëlische regering al vaker zijn opgeroepen `hun koffers te pakken', zijn bang. Serge Benattar van Actualité Juive zei na Cukiermans opmerkingen: ,,De joodse gemeenschap is het eerste doelwit van agressie. Men heeft vastgesteld dat 95 procent van de incidenten is terug te voeren op leden van de moslimgemeenschap, al gaat het slechts om kleine groepjes.'' Dat de Franse joden ingeklemd zitten tussen angst voor Le Pen en angst voor antisemitische agressie blijkt ook in de Rue de Rosiers in de Parijse wijk Le Marais, die veel joodse zaken telt. Jo Goldenberg, oud-eigenaar van het beroemde koshere restaurant waar in de jaren tachtig drie doden vielen bij een aanslag, heeft na de uitslag zondagavond publiekelijk laten weten ook op Le Pen gestemd te hebben. Tot ontsteltenis van de rest van de straat, die er de voorkeur aan geeft er het zwijgen toe te doen.

Volgens Théo Klein, oud-voorzitter van de CRIF, is er geen sprake van antisemitisme. ,,De agressie tegen rabbijnen is dezelfde als tegen pomphouders, politie en onderwijzers. De Arabische jeugd beschikt niet over andere uitdrukkingsmiddelen. Een synagoge in brand steken is niet hetzelfde als een auto verbranden. Maar gezien vanuit de dader verandert dat niets aan het karakter van de daad. Ik zie er geen afkeer van joden in.''