Far Breton

Deze ronde Bretonse koek, die doet denken aan een clafoutis, een vruchtentaart uit een ander deel van Frankrijk, wordt niet alleen als koek maar ook als nagerecht gegeten. Er bestaan talrijke variaties van. In het volgende recept worden behalve de traditionele pruimen ook rozijnen verwerkt. Tip voor een andere variatie: neem in plaats van rozijnen een onsje geconfijte sinaasappelschilletjes.

Bereiding: wel de rozijnen eerst een half uurtje in lauw water. Laat ze uitlekken. Doe ze in een kom en giet de rum op de rozijnen. Laat de pruimen ongeveer 2 uur in de thee wellen. Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius. Haal de pitten uit de pruimen. Smeer de bodem en zijkanten van een vuurvaste ronde schaal in met 25 gram boter. Verwarm de melk met de suiker en 100 gram boter. Klop de eieren los. Doe de bloem in een kom. Meng beetje bij beetje de eieren door de bloem. Klontjes zijn verboden. Giet, alweer beetje bij beetje, de melk in de kom en meng alles goed met behulp van een mixer of garde.

Ten slotte worden de rozijnen en rum al roerend toegevoegd. Leg de uitgelekte pruimen op de bodem van de schaal en stort het deeg/beslag in de schaal. Zet de schaal ongeveer 1 uur in de oven. De bovenkant van deze far breton heeft dan een goudbruine kleur.

Controleer met bijvoorbeeld een satéprikker of de inhoud gaar is. Laat de taart afkoelen en strooi er poedersuiker over. Wordt er in plaats van gezouten boter gewone boter gebruikt, voeg dan aan de bloem een snufje zout toe.