Ontslag directeur OPCW onafwendbaar

Het einde van José Bustani, de directeur-generaal van de OPCW, was onvermijdelijk nadat de VS zijn ontslag eisten.

Gifgassen kwamen er niet aan te pas, maar het grote ronde gebouw van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) in Den Haag was sinds zondag het toneel van een bittere strijd over de positie van de omstreden Braziliaanse directeur-generaal José Bustani.

Gisteravond kwam voor de 59-jarige Braziliaan het einde, dat al enige tijd onafwendbaar was geworden nadat de Amerikanen zich vorige maand voor het eerst openlijk voor zijn ontslag hadden uitgesproken. Zondag deden zij er nog een schepje bovenop en kondigden aan hun contributie te staken als Bustani aanbleef.

Tevergeefs riep Bustani tijdens een emotionele rede de afgevaardigden op de dreigementen van de VS te negeren. Bij een stemming gisteravond stemden echter 48 staten voor Bustani's ontslag. Dat was voldoende om voor het eerst in de geschiedenis een zittende directeur van een aan de VN gelieerde organisatie voor het aflopen van diens termijn te ontslaan.

Over de redenen van Bustani's ontslag lopen de meningen sterk uiteen. De Braziliaan zinspeelde er zelf nadrukkelijk op dat de Amerikanen van hem af wilden omdat hij er naar streefde Irak binnen de OPCW te halen. Zo zou de organisatie via inspecties meer greep op het chemische arsenaal van Saddam Hussein kunnen krijgen. Washington zou Bustani's pogingen echter niet op prijs hebben gesteld omdat de ervaring leert dat zulke inspecties veel tijd vergen en weinig opleveren. Liever zouden de VS hun handen vrij houden voor directe militaire acties tegen Irak.

Deze verdenking wordt gevoed door een verhaal in de Washington Post van vorige week, dat het Pentagon enige tijd geleden de CIA opdracht had gegeven Hans Blix, de chef van het huidige VN-wapeninspectieteam voor Irak, in de gaten te houden. Het doel hiervan zou zijn Blix' werk in diskrediet te brengen. De pogingen van de VS om van Bustani af te raken zouden in hetzelfde kader passen.

,,Dit is een volledig verkeerde voorstelling van zaken'', zegt echter een hoge Amerikaanse functionaris in Den Haag. ,,We zijn er helemaal niet op tegen dat Irak lid wordt van de OPCW. We willen alleen wel dat er strak de hand wordt gehouden aan eerdere resoluties van de Veiligheidsraad, die Irak dwingen tot de ontmanteling van zijn vernietigingswapens.''

Volgens de Amerikanen vloeit het ontslag van Bustani in de eerste plaats voort uit de incompetente en eigengereide manier waarop hij de OPCW leidde. Hij nam te gemakkelijk voorschotten op te verwachten inkomsten en nam te snel nieuwe mensen aan. Meer dan eens moest de OPCW medewerkers een forse schadevergoeding betalen, hoewel de organisatie toch al moeite heeft financieel rond te komen.

Ook mensen uit de omgeving van Bustani erkennen dat hij weinig diplomatiek optrad. Hij had de neiging te polariseren in plaats van partijen nader tot elkaar te brengen. Bovendien hechtte hij er aan zichzelf te profileren.

Juist doordat de Amerikanen volhouden dat Bustani's vertrek uitsluitend heeft te maken met zijn wanbestuur, rijst de vraag waarom ze dan niet al bij het einde van Bustani's eerste termijn, vorig jaar, op diens vertrek aandrongen. Zonder veel ophef hadden ze toen campagne kunnen voeren voor een nieuwe directeur-generaal.

De regering-Bush stelt zich echter, zeker sinds 11 september, assertiever op in internationale organisaties. Enkele dagen geleden zorgden ze ook voor het opstappen van de hun onwelgevallige Robert Watson, voorzitter van het Internationale Panel over Klimaatverandering. Bush was niet bereid zich op enigerlei wijze te laten dwarsbomen door José Bustani. Toen de overige lidstaten zich daar ,,in het belang van de organisatie'' bij neerlegden, was het lot van de Braziliaan dan ook bezegeld.