Directeur VN-bureau ontslagen

De directeur-generaal van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) in Den Haag, de Braziliaan José Bustani, is gisteren na een maandenlang conflict ontslagen.

Het is voor het eerst dat een zittende directeur van een met de Verenigde Naties gelieerde organisatie vóór het aflopen van zijn termijn aan de kant wordt gezet. Het is nog niet duidelijk wie Bustani zal opvolgen.

Vooral de Amerikanen oefenden zware druk uit op de 59-jarige Braziliaan om te vertrekken. Ze beschuldigden hem ervan de organisatie, die moet toezien op de naleving van het verdrag tegen chemische wapens, op een eigengereide en incompetente wijze te leiden. De OPCW kampt al enige tijd met financiële problemen.

Bustani suggereerde van zijn kant dat de Amerikanen vooral bezwaren koesterden tegen zijn pogingen om Irak binnen de OPCW te halen in de hoop zo meer greep op mogelijke chemische wapens van Saddam Hussein te krijgen. Daardoor zouden de Amerikanen hun handen minder vrij hebben voor rechtstreekse militaire acties tegen Irak.

Tot het bittere eind bleef Bustani zich verzetten tegen zijn ontslag. Tijdens een speciale zitting van de OPCW op het Haagse hoofdkwartier gisteravond bleken 48 staten voor zijn ontslag te stemmen. Daaronder waren alle lidstaten van de EU, behalve Frankrijk, dat zich van stemming onthield. Zeven landen spraken zich tegen het vertrek van de Braziliaan uit, onder meer Rusland, China, Iran en Brazilië. Voorts onthielden zich 43 staten van stemming. Omdat deze stemmen volgens de reglementen niet meetellen, was er een ruime meerderheid voor het vertrek van de Braziliaan. Vorig jaar werd hij nog unaniem voor een tweede termijn van vier jaar voorgedragen.

analyse: pagina 4