NOOIT VIEL EEN KABINET ZO RESPECTVOL MAAR ER IS EEN PRECEDENT EN HET KAN NOG GEKKER

En toen was er geen kabinet meer. Gevallen in het zicht van de haven. Omdat, zoals minister-president Kok het afgelopen dinsdag in de Tweede Kamer verwoordde, hij de politieke consequentie wilde trekken uit de bevindingen van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie naar de val van de moslimenclave in Srebrenica.

Een besluit dat in de Tweede Kamer alom lof oogstte. Nimmer viel in zo korte tijd zo vaak het woord respect. Maar daarbuiten werd de drastische stap van Kok en zijn mede-kabinetsleden, zeker naarmate de tijd verstreek met de nodige scepsis werd omtvangen. Zo deed oud VVD-leider Frits Bolkestein gisteren voor het televisieprogramma Buitenhof het opstappen af als ,,niet verstandig'' en ,,niet logisch''. Volgens hem was er geen enkele reden voor het kabinet om er voortijdig de brui aan te geven. ,,Er was in het kabinet geen interne verdeeldheid, er was geen ruzie met de Tweede Kamer. Het kabinet had het vertrouwen''. De door het kabinet benoemde Nederlandse afgevaardigde in de Europese Comissie concludeerde dan ook op de voor hem kenmerkende wijze dat hier sprake was van ,,vendelvlucht''.

In het Parool van afgelopen zaterdag ging emeritus-hoogleraar politicoligie Hans Daudt nog een stap verder. ,,Potsierlijk'' noemt hij de gang van zaken. ,,in het begin van de paarse jaren was men niet in de stemming om verantwoording af te leggen. Nu, aan het einde blijkbaar wel. Maar dat heeft alles te maken met de naderende verkiezingen. Iedereen is nu zijn positie aan het innemen. Deze paarse combinatie is men meer dan moe en dát is de hoofdoorzaak van het vallen van het kabinet'', aldus Daudt.

Het zou niet de eerste keer zijn dat een kabinet valt om een andere dan de officiële reden. Nog steeds kunnen CDA-ers die al wat langer meelopen aan het Binnenhof smakelijk verhalen van de kabinetscrisis uit 1989 over het reiskostenforfait. De VVD raakte toen geheel met zichzelf in de knoop over de wijze waarop de automobilist belast werd, met als bizar einde een kabinetscrisis en een knallende ruzie in liberale kring. De breuk was een devil in disguise voor het CDA. Want, binnen die partij was men ervan overtuigd dat er een conflict aanstaande was tussen de `eigen' CDA-ministers Deetman van Onderwijs - die meer geld wilde - en Ruding van Financiën - die dat geld niet wenste te geven. Het waren allemaal symptomen van de enige echte reden die aan de val van het tweede kabinet Lubbers ten grondslag lag: namelijk dat de ministers na zeven jaar intensief regeren gewoon volledig op elkaar waren uitgekeken. Een geval van politieke metaalmoeheid dus.

Overigens is het ook niet de eerste keer dat een kabinet vlak voor het officiële eind van zijn regeerperiode ten val komt. Hetzelfde overkwam in 1977 het kabinet Den Uyl, dat twee maanden voor de verkiezingen `naar de koningin ging'. Officieel was onenigheid over de grondpolitiek toen de reden. Maar vijftien jaar later gaf oud CDA-beleidsmedewerker Joop van Rijswijk in zijn boek Repeterende Breuken de werkelijke oorzaak van de breuk in het kabinet aan. Niet de grondpolitiek, maar de wijze waarop de PvdA-fractie CDA-coryfee Van Agt, minister van Justitie én de aanstaande lijstrekker van de partij had menen moeten aan te pakken in de kwestie Menten. Van Agt werd destijds verweten door een lakse houding de van oorlogsmisdaden beschuldigde verdachte kunsthandelaar de kans te hebben geboden om te ontsnappen. Laaiend waren de christen-democraten over de zware kritiek van PvdA-ers als Van Thijn en Kosto aan het adres van hun voorman, aldus Van Rijwijk. volgens hem werd de kritiek opgevat als en oorlogsverklaring. ,,Die oorlog kondeN de socialisten krijgen, graag zelfs! Men wilde met hen niets meer te maken hebben. De maat was vol! Formeel zou het kabinet-Den Uyl op 22 maart 1977 op het conflict over de grondpolitiek uit elkaar vallen. Maar in feite kwam het kabinet vier weken van tevoren, aan he teinde van het tweede debat over de zaak-Menten ten val'', aldus CDA-scribent Van Rijswijk.

Maar dat het altijd nóg gekker kan valt te lezen in het boek De Stranding van journalist Marcel Metze dat in 1995 verscheen naar aanleiding van de desastreuze verkiezingsnederlaag van het CDA in 1994 toen de partij niet minder dan twintig zetels verloor. In één van de laatste hoofdstukken beschrijft Metze minutieus hoe in de maanden voor de Tweede Kamerverkiezingen de totale paniek zich meester maakte van premier Ruud Lubbers, die eerder de macht had overgedragen aan zijn kroonprins Elco Brinkman.

Als fractievoorzitter van het CDA in de Tweede Kamer spoorde Brinkman in zijn nieuwe rol het kabinet telkens aan tot meer daadkracht. Lubbers werd steeds nijdiger over het gedrag van Brinkman en besloot een concept-brief aan partijgenoot en Tweeede Kamervoorzitter Deetman te schrijven die hij voor zichzelf het `dynamiet-concept' noemde. Daarin stelde Lubbers het ontslag voor van zijn kabinet omdat hem steeds duidelijker bleek dat zijn kabinet onvoldoende vertrouwen in de Tweede Kamer genoot. Voordat hij zijn brief werkelijk verstuurde en tot actie overging schaarde Lubbers nog een aantal CDA-toppers om zich heen om hun mening te polsen. Zijn vertrouweling Jan de Koning weerhield Lubbers van het voornemen het kabinet op te blazen. ,,Dit is niet geloofwaardig, dit als alleen maar een kwestie van moedeloosheid'', zei De Koning tegen Lubbers.

Maar dat Lubbers bleef mokken bleek uit een brief die Lubbers op 11 april 1994, een kleine maand voor de verkiezingen, aan enkele CDA-partijvrienden stuurde met zelfs een afschrift aan de koningin. In die brief deed Lubbers uitvoerig verslag over wat er volgens hem allemaal was misgegaan om te eindigen met de volgende zinnen: ,,Ziehier het relaas dat voor jullie niet nieuw is. Hoe een volkspartij zich laat marginaliseren, omdat het `wij horen bij elkaar' niet meer zichtbaar gemaakt wordt. Wat mij rest is te bidden. Dat valt mij ondanks al mijn zondigheid niet zwaar.''

Waarmee maar gezegd wil zijn: het wachten is op het boek over de nadagen van het tweede kabinet Kok.

De Tweede Kamer komt deze week voor het laatst in de huidige samenstelling bijeen. Vanaf volgende week is het verkiezingsreces. Het betekent afscheid van het parlement voor de 38 leden die niet meer verkiesbaar zijn bij de komende verkiezingen. De Tweede Kamer zal naar waarschijnlijkheid op donderdag, de laatste vergaderdag, spreken over het NIOD-rapport. Morgen is de stemming over de aanschaf van de JSF-gevechtsvliegtuigen. Voor woensdag staat de Voorjaarsnota op de agenda.