Als het onmogelijke langzaam waar wordt

In het campagne-hoofdkwartier van Jospin sloeg ongeloof gisteravond om in afkeer. Zijn aanhangers lieten hun tranen de vrije loop.

Dat deze verkiezingen kleine verrassingen in petto hadden, had ze voorvoeld. Maar een rámp? Nee! Zenuwachtig frommelt Stéphanie aan haar rode windjack, waarop www.lioneljospin.net te lezen is. Ze zit op de grond in Het Atelier, het campagne-hoofdkwartier van premier Lionel Jospin aan de Parijse rue Saint Martin. Ze tipt haar sigaret af boven een tot aan de rand met peuken gevulde asbak. Het is even over achten, zondagavond.

Een half uur geleden was er nog de luxe van het ongeloof. Via hun mobiele telefoons vernamen de journalisten en partijgangers in het hoofdkwartier even na zevenen de eerste alarmerende berichten. Le Pen vóór Lionel? Dat kan niet!

Kreten van afkeer begeleidden een kwartier later de eerste prognoses op het enorme televisiescherm in de grote zaal, maar ook toen was nog niets zeker. De stembureaus van de grote steden waren nog niet eens dicht, en de DOM-TOM, de overzeese gebiedsdelen, moesten nog stemmen.

Het onmogelijke wordt na achten langzamerhand waarheid. `Monsterlijk', `een tragedie', weerklinkt het van verschillende kanten. `Onmogelijk' ook, toch nog. Terwijl de televisiezender TF1 op het scherm een steeds duidelijker overwinning van Le Pen meldt, scandeert een groep jonge socialisten: ,,À bas, à bas, le Front National! F comme fasciste, N comme nazi!''

Er wordt gehuild, camera's zoomen in op de tranen. Dominique Strauss-Kahn, campagnewoordvoerder en architect van Lionel Jospins neo-liberale economische politiek, verschijnt in beeld bij TF1. Hij zegt dat er niets anders op zit dan in de tweede ronde op Jacques Chirac te stemmen. Er wordt gebruld. ,,We moeten gaan kiezen tussen een dief en een fascist! Schande voor Frankrijk!''

Jospins woordvoerster Martine Aubry komt in beeld. `Intens verdrietig' is ze, net als de presidentskandidaat van de Groenen, Noël Mamère. Hij spreekt van ,,een van de ernstigste crises van na de oorlog'' en roept op de linkse gelederen te sluiten voor de kamerverkiezingen in juni. Gejuich stijgt op.

Jean-Pierre Chevènement, weggelopen uit het Jospins `meervoudige links', spreekt op het scherm zijn aanhangers toe en zegt dat ,,meer dan ooit tevoren de nationale soevereiniteit verdedigd moet worden.'' ,,Handlanger! Verrader!'' brult de menigte in Het Atelier tegen het scherm. ,,Het is Chiracs schuld. Hij heeft de onveiligheid tot hoofdthema van de verkiezingen gemaakt,'' analyseert iemand.

Negen uur. Stéphanie, in het dagelijks leven assistent van de PS, de socialistische partij, in de Assemblée, heeft nog een kleine hoop. ,,Het is volslagen ondemocratisch, maar wegens het tijdverschil hebben de DOM-TOM nog niet gestemd. Er wordt nu driftig overzee gebeld. Als de zwarte kiezers daar nu niet op Lionel stemmen, dan zijn ze zo stom als maar zijn kan! We kunnen nog winnen, het scheelt één procentpunt!''

,,Lionel komt eraan'', roept iemand. Dominique Strauss-Kahn komt Het Atelier binnen. Hij loopt verloren rond, murw, niemand schiet hem aan. Sylviane Agacinski, Jospins vrouw, komt binnen. Cameraploegen schieten toe en begeleiden haar van de ene hoek van de zaal naar de andere en weer terug. Ze glimlacht, groet een paar mensen, verdwijnt weer.

De prognoses van TF1 worden steeds definitiever. Chirac rond 19 procent, Le Pen ruim 17, Jospin 16,3. ,,No pasaran!'' schreeuwt een groep jongeren.

Half tien. Le Pen houdt een toespraak in zijn hoofdkwartier, rechtstreeks uitgezonden door TF1. `Hoop voor Frankrijk', `onafhankelijkheid van het eeuwige Frankrijk', `ons grote Franse volk'. Tussen het geloei van de Jospin-aanhang zijn slechts flarden hoorbaar. Hij praat over het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog: ,,Ja, het verzet, haal dat er ook nog maar bij'', roept iemand. ,,Wees niet bang om te dromen'', zegt Le Pen. ,,We zullen je verpletteren!'', schreeuwt een jongen, half huilend. ,,Die cynische schoft'', zegt Stéphanie. ,,Hij roept de DOM-TOM op voor hem te stemmen! Zwarten, waar hij zo tegen is!''

Kwart over tien. Lionel Jospin komt binnen. Met een ernstig gezicht ondergaat hij, achter het spreekgestoelte op het podium, de ovatie van de zaal. ,,Als de prognoses kloppen'', begint hij zijn toespraak. Overal weerklinkt gesnik. De socialistische burgemeester van Parijs, Bertrand Delanoë, strijkt even met de rug van zijn hand over de wang van een huilende jongen naast hem. ,,Een donderslag'', zegt Jospin. ,,De demagogie van rechts en de versnippering van links hebben deze situatie mogelijk gemaakt. Maar ik neem de volle verantwoordelijkheid voor deze mislukking op me (..) en trek me terug uit het politieke leven.'' Het gehoor van de premier stort in, overal wordt gehuild. De minister van Europese Zaken, Pierre Moscovici, blikt opzij naar een hysterisch huilend meisje en bijt op zijn onderlip.

Half elf. Voor het hoofdkwartier heeft zich een menigte verzameld van vier-, vijfhonderd man. Een bord deint boven de hoofden uit: ,,Ik huil, ik huil, ik schaam me Fransman te zijn.'' Verderop in de straat komt een groep met rode vlaggen in militaire pas aangemarcheerd. ,,Te laat'', zegt een oude dame, met een gelaten glimlach. Jospin verlaat te voet Het Atelier en verdwijnt in de menigte. Overal in de stad weerklinken sirenes. Tienduizenden maken zich op voor demonstraties in het holst van de nacht.