Zij-instromer 3

Door toeval kreeg ik onlangs het artikel in handen waarin Aaltje Vincent haar nachtmerrie verwoordt ( `Iedere dag agentje spelen', W&O 6 april). Mijn dochter zat in de klas waarover Aaltje het heeft, wij kennen de andere kant van het verhaal. Bij het lezen van het stuk sloeg de schrik mij om het hart.

Aaltjes' ervaringen kloppen natuurlijk. Maar de nietsvermoedende lezer zou uit het verhaal de conclusie kunnen trekken, dat alle vmbo-leerlingen treiterende, propjesgooiende, ongeïnteresseerde wezens zijn. Dat gaat mij echt te ver en is een ontoelaatbare vorm van discriminatie! Daarom wil ik het hier nadrukkelijk opnemen voor alle hardwerkende vmbo-leerlingen die er ook zijn.

Er zijn in het vmbo namelijk wel degelijk leerlingen die serieus proberen met goed resultaat hun diploma te halen. Leerlingen die de steun van (ervaren) mentoren en docenten hard nodig hebben, maar die niet altijd krijgen. Leerlingen die beslist geen hoogvliegers zijn, maar hard voor elke voldoende vechten en uren aan hun huiswerk besteden. Leerlingen die wel sociaal zijn en die respect hebben voor anderen. Hoe moeten díe leerlingen zich handhaven in het vmbo, als docenten in het vmbo zo over hun leerlingen denken als in het artikel wordt verwoordt?

Aaltjes' verhaal is schrijnend. Zij is `verbijsterd' door haar ervaringen in het vmbo. Zij wist niet dat zij vier vakken ging onderwijzen, in plaats van één; bovendien werd zij ook nog mentor en moest ze in de pauze surveilleren. Ik vraag mij af wat er eigenlijk in het sollicitatiegesprek is besproken. Hoe dan ook: Aaltje ging totaal onervaren, maar vol idealisme als zij-instromer aan de slag in de derde klas vmbo. De klas waarin mijn dochter zat. Aaltje ging er na zeven weken onderdoor. ``Ik voel me hopeloos verloren'', aldus Aaltje. Ook mijn dochter voelt zich hopeloos verloren op school. Aaltje heeft nog geluk gehad. Zij kon, zwaar teleurgesteld als ze was, het onderwijs verlaten, de slechte ervaring verwerken en opnieuw het bedrijfsleven ingaan. Mijn dochter niet, die moet nog anderhalf jaar doorworstelen en het de rest van haar leven met deze schoolervaringen doen.

Ik neem Aaltje niets kwalijk, ik neem de docenten niets kwalijk en ik neem de school niets kwalijk, die als gevolg van een jarenlang falend onderwijsbeleid, alle zeilen bij moet zetten om nog enigszins acceptabel onderwijs te kunnen geven. Juist de scholieren in Nederland verdienen alle aandacht; deze groep gaat straks massaal de maatschappij in, daarmee moet heel zorgvuldig worden omgegaan. Is het daarom niet diep treurig, dat juist deze groep geconfronteerd wordt met inferieur, of soms zelfs maandenlang géén, onderwijs?

Het is mij inmiddels duidelijk: het onderwijs in Nederland en iedereen die het onderwijs een warm hart toedraagt, loopt op zijn laatste benen. Den Haag heeft gefaald en de enige maatregel die men kan verzinnen is pappen en nat-houden. De kwaliteit van het onderwijs is daardoor niet meer gewaarborgd. Als er ergens geld voor vrijgemaakt moet worden, en snel ook, is het wel voor het onderwijs. Voordat na mensen als Aaltje en onze dochter het laatste slachtoffer valt: het onderwijs zelf en daarmee onze toekomst.