WISKUNDIGEN HEBBEN 40 MILJOEN EURO NODIG OM HET VAK TE REDDEN

Zelfs de Nederlandse wiskundigen hebben nu een lobby in Den Haag. Afgelopen donderdag sloegen ze daar alarm over de toekomst van hun vak, met de presentatie van het rapport `Nieuwe dimensies, ruimer bereik' aan de secretaris generaal van het ministerie van onderwijs, H. Bruins Slot. Het rapport, geschreven door de onderzoekscholen en de adviescommissie wiskunde van NWO, omvat ook een plan om het vak weer in vorm te brengen, à raison van veertig miljoen euro.

De wiskunde, die in Nederland nog op hoog niveau staat, dreigt ten onder te gaan, aldus het rapport. De studentenaantallen lopen al jaren dramatisch terug, sterker nog dan bij andere exacte vakken. En dat scheelt overheidsfinanciering. Het aantal hoogleraren in het vak is sinds 1990 teruggelopen van 120 naar 90, met 73 als verwachting voor 2005.

En dat terwijl er aan wiskunde en wiskundigen steeds meer behoefte is, waarschuwen de wiskundigen, door de spectaculaire uitbreiding van het wiskundegebruik in andere vakgebieden. Er dreigt zelfs een tekort aan Nederlandse wiskundigen in het bedrijfsleven, aldus een spreker van Shell op een tegelijkertijd gehouden mini-symposium. Vroeger felbevochten posities in het universitair onderzoek kunnen soms niet meer vervuld worden.

Volgens het plan moeten de onderzoeksgroepen groter worden om internationaal concurrerend te blijven. Zeven thema's, met namen als `wiskunde en levenswetenschappen' of `financiële wiskunde', zouden ieder één groot centrum moeten krijgen, met zo'n vijftien vaste stafleden, desnoods ten koste van andere wiskunde-afdelingen. ``Nu is het onderzoek nog te versnipperd over de dertien universiteiten'', aldus prof.dr. Henk van der Vorst, een van de schrijvers van het rapport.

Verder zoeken de wiskundigen het in opleidingen voor betalende buitenlandse studenten en in extra onderzoeksbudgetten. Ook moeten studenten en leraren sterker bij het universitaire onderzoek betrokken worden. Uiteindelijk, hopen de wiskundigen, zouden door de plannen de studentenaantallen aan moeten trekken, en zouden er in 2005 er weer 120 hoogleraren moeten zijn.

Het hele pakket, met wiskundige precisie geraamd, zou 39,8 miljoen euro moeten gaan kosten. De secretaris-generaal liet in beleefde termen weten dat de wiskundigen dat bedrag bij hun eigen universiteiten moesten zoeken: ``De bestuurders moeten de keuzes maken.''

Toch verwacht Van der Vorst dat de overheid uiteindelijk zal bijdragen. ``Maar het is vooral belangrijk dat de minister van onderwijs duidelijk maakt dat de bijdrage voor de wiskunde niet nog lager kan.'' ``Dit is nog stap nul, maar er komt nu eindelijk iets op gang'', zei Chris Zaal, organisator en wiskundevoorlichter, over de noodkreet.