Kom terug, Tim!

Nieuws reist snel op het internet en binnen een dag waren er noodkreten uit vele landen; Tim Krabbé had zijn website weggehaald. In de nieuwsgroep rec.games.chess.misc deed een internationaal koor van tientallen schakers zijn beklag onder het motto: ,,Tim Krabbé, please come back!''

Die schaakwebsite is er niet een waar je dagelijks het laatste nieuws over de toptoernooien kunt volgen, maar geeft een persoonlijke kijk op allerlei schaakzaken die Krabbé interesseren. In dat genre is het een van de beste ter wereld, met een groot internationaal publiek. De reden dat hij plotseling verdwenen was, was het onbeschaamde optreden van een dief.

Er wordt gestolen bij het leven op het internet. Het gaat zo makkelijk dat veel mensen er niet bij stil staan dat ook daar auteursrecht bestaat. Brave lieden zetten zonder het te vragen allerlei teksten op hun eigen site en denken zelfs vaak dat ze de schrijver een dienst bewijzen.

De dief die zich meester maakte van het werk van Krabbé was geen braaf mens. Hij zette een artikel op zijn eigen site, veranderde zelfs niet de opmaak en het lettertype en voegde schaamteloos het onderschrift `copyright Matthew Sauget' toe.

Krabbé werd getipt en sommeerde Sauget het artikel te verwijderen. Die reageerde met het dreigement dat hij de hele website zou stelen. Krabbé bracht vervolgens zijn eigendom in veiligheid, met uitzondering van zijn schaakrubrieken uit het Algemeen Dagblad. Misschien omdat hij dacht dat Sauget daarvoor geen belangstelling had, misschien als een test om te zien of Sauget brutaal genoeg was om zelfs het auteursrecht op Nederlandse teksten te claimen.

Krabbé was er achter gekomen wie Sauget was: een ziekenhuisverpleger in Florida die ook al eens op de Internet Chess Club wegens bedrog aan de schandpaal was gezet. Hij was er ook achter gekomen wie hem over de diefstal getipt had. Dat was Sauget zelf geweest, onder pseudoniem.

Het is dus iemand die veel doet om aandacht te krijgen en het zou misschien goed zijn om in het ziekenhuis in Florida waar hij werkt, eens te controleren of daar geen vreemde dingen zijn gebeurd.

Er is nog hoop voor de bezoekers van Krabbé's website. De misdadiger is opgespoord, er wordt zware druk op hem uitgeoefend en als hij de gestolen waar verwijdert komt misschien alles weer goed.

Een van de partijverzamelingen die Krabbé had aangelegd ging over `de ultieme blunder', opgeven in gewonnen stelling. In 1999 publiceerde Klaus Trautmann het boek Der letzte Fehler over hetzelfde onderwerp. Trautmann was geen dief, maar iemand die toevallig met hetzelfde bezig was. Een van zijn voorbeelden was een partij die Krabbé aanvankelijk gemist had, een partij van hemzelf nog wel.

MmMmMmMf

mMaMmjaG

MaiaMmKm

aMmMaMmM

GmGmGeMm

mMAGmMDM

MmMmMdIA

DMmMmMFM

Langeweg-Krabbé, kampioenschap van Nederland, Zierikzee 1967.

Wit staat slecht en deed nu 31. Lg2-h3 waarna zwart onmiddellijk had kunnen winnen met 31...Ta2 32. Tf1 Dd2 en wit gaat mat. Zwart speelde echter 31... Lc6-d7? en na 32. Lh3-f5 gaf hij de partij op.

Al gauw werd in schaaktijdschriften aangegeven dat zwart ten onrechte had opgegeven, omdat het na 32...Tc2 33. Tf1 Tc1 remise wordt door eeuwig schaak. Opgeven in remisestand, ik heb het zelf ook eens gedaan en het is heel erg. Maar in dit geval bleek 22 jaar later dat het nog erger was geweest. Zwart had opgegeven in gewonnen stelling.

Trautmann had gevonden dat zwart na 32...Tc2 33. Tf1 niet 33...Tc1 met remise moet spelen, maar 33...Dd2 met winst. Simpel is dat overigens niet. Mat zit er niet meer in en zwart moet het van een gewonnen eindspel hebben.

Lezers van Krabbé, die de vondst van Trautmann natuurlijk meldde, verdiepten zich in de stelling. Eerst vond Maarten de Zeeuw een remise voor wit: 33...Dd2 34. Tg2 Dxg2+ 35. Dxg2 Txg2+ 36. Kxg2 Lxa4 37. Lg6 Txf1 38. Kxf1 Lc2 39. Ke2 a4 40. Kd2 Lb1 41. d4 a3 42. Kc1 Ld3 43. dxe5 dxe5 44. c5 en door zijn opgesloten koning komt zwart niet verder.

Dat werd echter weerlegd door twee andere lezers, Tabe Bas en Gian-Carlo Pascutto, die aangaven dat zwart wint met 37...Tf4 in plaats van 37...Txf1. Zwart had dus wel degelijk opgegeven in gewonnen stelling, het ergste dat een schaker zich aan kan doen.

Ik besef dat ik oude wonden openrijt met dit fragment, maar bij mij brengt het aangename herinneringen boven, want het werd gespeeld in het eerste kampioenschap van Nederland dat ik won.