Italiaans voor beginners

De Italianen hebben hun parmaham, de Fransen hun wijn, de Duitsers hun bier en wij hebben onze pensioenbesparingen.

Vergrijzing is een maatschappelijke trend van het kaliber olietanker: een trage kolos, nog ver weg, die echter onvermijdelijk op het strand afstevent. Het is al begonnen. Na 2010 wordt het serieus als de babyboomers 65 worden.

Vergrijzing is prijzig. De toch al onbeheersbare zorgkosten stijgen verder en meer ouderen genieten van hun AOW, die door een stabiele en straks zelfs dalende groep werkende premiebetalers wordt gefinancierd.

Maar de BV Nederland heeft een voordeel boven andere EU-landen: wij sparen al tientallen jaren voor ons pensioen. De teller staat op ruim 400 miljard euro.

Dat kunnen die Fransen, Duitsers en Italianen ons niet nazeggen. Die moeten, als zij geen drastische maatregelen nemen, straks al die extra pensioenkosten nog bijbetalen. Met alle inflatiegevaar van dien.

Het pensioentekort van met name Italië was een valide argument tegen hun toetreding tot de euro, maar het Italiaanse begrotingstekort was tijdig op orde, en dat was het toelatingscriterium. Geïnspireerd door de Nederlandse pensioenlobby heeft het kabinet wel de toekomstige vergrijzingskosten op de Europese beleidsagenda gekregen.

Maar nu de rendementen, de belangrijkste inkomstenbron van de pensioenfondsen, zijn opgedroogd, ziet het Nederlandse pensioenstelsel er opeens verdacht Italiaans uit. De pensioenpremies hebben opeens maar één richting: zo snel mogelijk omhoog. Het relatieve voordeel van lage pensioenkosten voor de Nederlandse economie verdampt.

De pensioenpremies zijn al jaren te laag om de ingegane pensioenuitkeringen te betalen. Per saldo komen de pensioenfondsen jaarlijks 1 miljard à 1,5 miljard euro tekort. Zij innen zo'n 12 miljard euro premies en betalen zo'n 13 miljard uit aan gepensioneerden. Maar geen nood: de miljardenbeleggingen leveren rente en dividend op, zodat er steeds genoeg geld in kas is om de pensioenen te betalen.

De ongelooflijke waardestijging van aandelen in de jaren negentig, het appeltje voor de dorst voor de toekomstige pensioengerechtigden die nu sparen, is echter passé. De pensioenvermogens krimpen zelfs. De strijd om de vleespotten tussen premiebetalers (werkgevers en werknemers) en gepensioneerden breekt in alle hevigheid los. Het Nederlandse pensioenstelsel, boegbeeld van de sociale partners en hun poldermodel, is nu een simpel doorgeefluik van premies aan gepensioneerden. Een omslagstelsel, zoals dat hier met een vies gezicht wordt genoemd. Nederland voegt zich bij Europa.