Crèche 3

Mevrouw Riksen laat noteren dat moeders maar beter het hele eerste levensjaar van hun kind thuis kunnen blijven (W&O, 6 april). Een crèche is gevaarlijk, want rond de 9 maanden vindt belangrijke groei in de hersenen plaats die, indien gestoord door stress of niet `responsief' spelen, beschadigd wordt met blijvende gevolgen: asociaal en agressief gedrag. Kijk maar naar Roemeense weeskinderen die, zonder noemenswaardige aandacht en verzorging in hun eerste levensjaar, nu voor 80% opgroeien voor galg en rad.

Ik word helemaal niet goed van die wetenschappers die, zonder acht te slaan op de werkelijkheid van alledag, zonder enige relativering en gezond verstand, op grond van irreële laboratorium-experimenten, zich geroepen voelen om met een crypto-wetenschappelijk sausje overgoten moralistische uitspraken te verkopen als onomstotelijke feiten.

Het experiment waarop Riksen haar conclusies baseert betreft twee groepen kinderen van rond de 9 maanden. De ouders van groep 1 speelden `gewoon' met hun kinderen, de ouders van groep 2 speelden `responsief'. Na 3 maanden al, maar ook jaren later op de basisschool nog, zijn de kinderen uit groep 2 ondernemender, competenter, zelfbewuster en eigenlijk gewoon beter dan de kinderen uit groep 1. `Ego-veerkracht' heet dat. Dan de conclusie: schandalig dat moeders hun kinderen in het eerste levensjaar naar de crèche durven sturen, en schandalig dat de overheid dat stimuleert.

Ik zie de relatie helemaal niet. Ik begrijp best, ook zonder Riksen's experiment, dat responsief spelen goed is voor kinderen. Maar hoeveel ouders weten en doen dat? Gezien het experiment blijkbaar maar een heel klein deel: het is niet gewoon, het moet geleerd worden. Onze crècheleidsters hèbben dat geleerd en brengen het voortdurend in praktijk. Maar `hun aandacht wordt verdeeld over zoveel kinderen' wordt dan tegengeworpen. Dat is maar goed ook. Mijn kind zou doodmoe en gek van de stress worden als er voortdurend responsief gespeeld zou moeten worden. Bovendien: hoe belangrijk is het onderlinge contact tussen de peuterbabies in dit opzicht? De beste leerschool voor interactief handelen, lijkt me, en eentje die thuis alleen bij uitzondering geboden kan worden.

Thuis heeft moeder wel wat meer te doen dan responsief spelen, het huishouden eist ook zijn aandacht. En, hoe responsief kan een moeder spelen die tureluurs wordt van het gedwongen binnen zitten, verstoken van sociale contacten? En, wat als er meer jonge kinderen rondlopen? En, wat dacht je van een twee- of zelfs drieling? Dan ben je toch wel erg slecht als moeder, je moet je aandacht en responsief spelen verdelen over wel drie kinderen, dat worden dus agressieve asociaaltjes!

En waarom mag ík niet het hele eerste levensjaar van mijn kind thuis blijven? Kan mijn partner beter responsief spelen?

Gillend kwaad word ik van de suggestieve vergelijking met Roemeense weeskinderen. Dat kan je toch niet menen, de effecten van crèche-bezoek vergelijken met die van een martelinstituut als zo'n Roemeens weeshuis. Dat is een kwaadaardige belediging van onze crècheleidsters en van ons als ouders. Ik weet uit ervaring dat de gerichte, kwalitatief hoogstaande zorg en aandacht die aan elk kind op onze crèche individueel gegeven wordt met glans de vergelijking met menig thuis kan doorstaan, inclusief ons thuis. Ook de vergelijking die steeds met de Verenigde Staten gemaakt wordt gaat mank. Kinderen gaan daar gemiddeld meer dagen naar de crèche, de normen voor wat zich kinderopvang mag noemen zijn daar soepeler en het opleidingsniveau van de leidsters is lager.

Wat je ook mag denken, structureel is er in Nederland nog nooit onderzoek gedaan naar de positieve en negatieve effecten van crèches. Als mevrouw Riksen, afkomstig van de Katholieke Universiteit Nijmegen, toch dit soort boude uitspraken doet, gebaseerd op onderzoek van iets heel anders, dan kan ik dat niet anders lezen al sexe-politieke uitspraken, geschoeid op ouderwets-katholieke moraal. Dat als wetenschap presenteren is immoreel en zou haar onmiddelijk haar positie in de academische gemeenschap moeten kosten.

En het maakt mij, als vader (en als Brabantse ex-katholieke ex-KUN-student), ontzettend pissig.