Productieverbod broom toegestaan

Minister Pronk (VROM) hoeft het verbod op de productie van een broomhoudende brandvertrager voorlopig niet terug te draaien. Dat heeft de president van de rechtbank in Den Haag vanmorgen bepaald.

Broomchemie in Terneuzen, dat de brandvertrager FR-720 wil gaan produceren, had de rechter in kort geding gevraagd het verbod nietig te verklaren. Een verbod zou in strijd zijn met Europese handelsregels en bovendien slecht zijn beargumenteerd, aangezien wetenschappelijk bewijs ontbreekt dat de stof een gevaar vormt voor mens en milieu.

De rechter heeft zich vanmorgen niet inhoudelijk over de kwestie uitgelaten, maar stelt dat er geen spoedeisend belang bestaat bij opheffing van het verbod. De rechter verwerpt het spoedeisend belang, omdat de Raad van State eerder deze maand al de vergunningen had geschorst die Broomchemie had gekregen van Gedeputeerde Staten van Zeeland en staatssecretaris De Vries (Verkeer en Waterstaat). Het opnieuw aanvragen van een vergunning duurt naar verwachting een jaar, ongeveer even lang als het tijdelijke verbod op de stof door minister Pronk. Tegen het verlenen van deze vergunningen was bezwaar gemaakt door de Zeeuwse Milieufederatie, Greenpeace en door de Inspectie voor de Milieuhygiëne van minister Pronk.