Na de VN: arm O-Timor

Oost-Timor koos deze week zijn eerste president. Nu nog leiden goedbetaalde buitenlanders van de Verenigde Naties het land. Maar wat na hun vertrek?

Het symbool van de vergankelijkheid van de Oost-Timorese economie dobbert voor het strand van de hoofdstad Dili. Het is de Veska PK 105, maar iedereen in Dili kent het 110 meter lange Finse cruiseschip als het Central Maritime Hotel. Een nacht in een Executive Suite kost 300 euro. Precies het maandinkomen van een Oost-Timorese dokter in het Dili Hospital.

Het duurste hotel van Oost-Timor ligt al even symbolisch pal tegenover het grootste gebouw van het land. Daarin zetelt UNTAET, de overgangsregering van de Verenigde Naties die Oost-Timor, een bergachtig gebied ter grootte van Nederland, moet klaarmaken voor zijn onafhankelijkheid op 20 mei.

Een dag later beginnen duizenden goedverdienende VN'ers met het inpakken van hun verhuisdozen en zal de economie het zonder hun naar verhouding riante koopkracht moeten redden. Tegen die tijd heeft het drijvende Central Maritime Hotel zijn geld dan wel opgebracht en kan het worden weggesleept. Het schip zonder motor staat dan ook te koop op internet. Tegen elk aannemelijk bod.

Deze week kozen de Oost-Timorezen oud-guerrillaleider Xanana Gusmaõ als eerste president van hun onafhankelijke land. Na het vertrek van de VN zal Oost-Timor terugvallen op de koffie-oogst, zijn traditionele en onzekere bron van inkomsten.

,,Het vertrek van de VN-mensen zal zeker gevolgen hebben voor onze economie'', zegt Marí Alkatiri, die op 20 mei minister-president en minister van Economische Zaken wordt. ,,Hopelijk valt het mee.'' Sinds 1999, toen Oost-Timor massaal koos voor onafhankelijkheid van Indonesië in een door de VN georganiseerd referendum, heeft de wereldgemeenschap 1,4 miljard euro gespendeerd in het land van 800.000 inwoners. Vergelijk dat met het jaarlijkse overheidsbudget van Oost-Timor: 71 miljoen euro.

,,Hello mister'', sist een jongetje van een jaar of veertien. Met tientallen anderen struint hij met zijn illegale koopwaar de straten van Dili af. Hij rekent kennelijk alleen buitenlanders tot zijn cliëntèle, want Oost-Timorezen schiet het mannetje niet aan. ,,Video CD?'', vraagt het verkopertje en toont een CD-hoesje met een onmogelijke kluwen van tien naakte mannen en vrouwen en de toepasselijke titel `Whiplash'. [Vervolg OOST-TIMOR: pagina 11]

OOST-TIMOR

Dili raakt ook internet kwijt

[Vervolg van pagina 9] ,,Al die zaken die spullen verkopen die de `locals' niet kunnen betalen – dvd-spelers, enzo – sluiten na 20 mei, denk ik, snel'', voorspelt Andrew Jone, de Australische eigenaar van Tropicana, een café-restaurant dat als enige in het land tapbier schenkt. ,,Ik stop straks ook.'' Maar niet nadat hij een stevige winst heeft gemaakt: met een investering van zo'n 6.000 euro verdient hij 80.000 euro. Met dank aan Portugese en Australische blauwhelmen die op de biertuin van Tropicana afkwamen. Jones: ,,Vooraf ben ik uitgegaan van een driejarenplan. Alles wat ik hierna verdien is bonus.''

Vooral Dili, waar ongeveer eentiende van de bevolking woont, zal na het door de VN georganiseerde onafhankelijkheidsfeest nooit meer hetzelfde zijn. Afgezien van honderden journalisten en andere gasten die elke keer massaal naar Oost-Timor trekken als de bevolking naar de stembus gaat (tot nu toe drie keer), zullen op den duur ook alle 9.000 blauwhelmen, 1.640 politiemannen en 1.400 civiel UNTAET-personeel verdwijnen. Nobelprijswinnaar voor de Vrede en minister van Buitenlandse Zaken, José Ramos-Horta, ziet de meeste van hen graag vertrekken. Die VN'ers hebben volgens hem geen benul van de Oost-Timorese cultuur en geschiedenis van onderdrukking. Bovendien maken ze met hun geld de Oost-Timorezen, met een gemiddeld jaarinkomen van 565 euro, verwend en gezapig. ,,Goede reis, zeg ik tegen hen, neem je aftandse computers, kapotte auto's en ander afval maar mee en laat de rest hier'', zegt Ramos-Horta.

Wat de buitenlandse hulpverleners werkelijk meenemen, is niet alleen hun inkomen, maar ook veel zaken die zijn geïntegreerd in de Oost-Timorese samenleving en economie. Van radio- en tv-zenders en tolken (die van cruciaal belang zijn, omdat in Oost-Timor vier talen worden gesproken) tot fotokopieerapparaten, twintig witte VN-helikopters en veel van de 1.400 witte jeeps die nu nog het straatbeeld domineren. ,,Straks hebben we nog maar twee telefoonlijnen per departement'', moppert António da Conceicáo van de plancommissie die de overgang naar onafhankelijkheid soepel moet laten verlopen. ,,Internet hebben we dan ook niet meer.''

Buiten Dili kan de VN-aanwezigheid de structurele armoede van Oost-Timor niet maskeren. Daar plukt Maria Madeira het belangrijkste exportproduct van Oost-Timor: koffie. De koffiebonen groeien praktisch in het wild in bossen op zeer steile berghellingen. ,,Ik drink de hele dag koffie zonder suiker'', zegt Madeira, ,,anders word ik slap en glijd ik uit.'' In een heel goed jaar verdient ze 400 Amerikaanse dollar – thans de munt van Oost-Timor. ,,Na 20 mei komen er studenten die ons gaan vertellen hoeveel we voortaan voor onze koffie kunnen vragen. Het moet wel meer zijn dan één dollar per kilo, anders levert de onafhankelijkheid ons niets op.''

,,Driekwart van de bevolking is arm en de helft is analfabeet'', zegt `Chief Minister' Alkatiri. Maar er is hoop: onder de Timorzee blijkt voor honderden miljoenen vaten aan gas te liggen. Ten minste drie miljard euro stroomt er de komende 17 jaar in Oost-Timor's schatkist. ,,Maar olie en gas maakt je dom en lui'', stelt Alkatiri, ,,dus we gaan net doen alsof de opbrengst ervan niet bestaat. We gaan de gasinkomsten wegzetten voor toekomstige generaties en proberen de economie zónder dat gas te runnen.'' Een moedig besluit, want nu staat tegenover de 71 miljoen euro overheidsuitgaven, slechts dertig miljoen aan belastinginkomsten. Tot 2007 zal Oost-Timor het van zijn koffie moeten hebben, maar daarna loopt het land volgens Alkatiri binnen dankzij visserij, cement en bovenal toerisme. ,,Buitenlandse gasten leveren veel geld op'', lacht de aanstaande premier, ,,kijk maar om je heen.''