Minachting voor het publiek 4

Hulde voor het voortreffelijke artikel van Janneke Wesseling in deze rubriek op 12 april. Raak! Zin voor zin. Alleen waarom nu pas? Het failliet van het Stedelijk is niet, zoals Wesseling schrijft, begonnen met het aantreden van Rudi Fuchs. Het begon al onder de bewierookte Sandberg, onder De Wilde en Beeren ging het verder, nu bereikt Fuchs geflankeerd door zijn collega's Haks en Ex, het dieptepunt van vulgariteit. Nogmaals: waarom nu pas? In 1997 verscheen `De Gijzeling van de beeldende kunst' van Riki Simons, in 1990 `De Nieuwe Salon' van D. Kraaypoel, in 1957 het nog altijd actuele `De God HAI-HAI en rabarber' van de grimmige J.H. Prange. De verloedering en verkitsching van het begrip moderne kunst werd al lang geanalyseerd en geboekstaafd. De `klokkenluiders' werden echter genegeerd of geridiculiseerd door de museale ayatollahs en hun schrijvende volgelingen, waaronder jarenlang ook de kunstredactie van NRC Handelsblad. Het is maar goed dat de geprojecteerde 100-miljoen verbouwing van het Stedelijk wordt uitgesteld. Weggegooid geld zolang er geen betere directie is. De inleiding bij Wesselings artikel luidt: ,,Sinds kunst en cultuur een handelsproduct zijn geworden, lijken musea steeds meer hun functie te verliezen. Een ramp voor de kunst.'' Zeer juist. Voorstel voor de nieuwe raad: een door de gemeente gesubsidieerde heruitgave van de teksten van J.H. Prange, van Janneke Wesselings artikel en van Andersens sprookje van de nieuwe kleren van de keizer, te illustreren met reproducties van in de laatste 50 jaar door het Stedelijk aangekochte `kunstwerken', met prijsvermelding!