Serviërs in regering Kosovo

De partij van de Serviërs in Kosovo treedt toe tot de Kosovaarse regering. Hun coalitie, Povratak (Terugkeer), stemde gisteren in met een compromis van VN-bestuurder Michael Steiner.

De Servische minderheid in Kosovo beschikt met haar coalitie over 22 van de 120 zetels in het in november vorig jaar gekozen parlement van Kosovo.

Het is steeds Steiners bedoeling geweest de partijencoalitie Povratak, en dus de Servische minderheid, te betrekken bij de regering, die in maart werd gevormd en die tot nu toe uitsluitend uit Kosovo-Albanezen bestaat. Voor de Serviërs was in die regering één van de tien ministeries gereserveerd, dat van Landbouw.

Povratak evenwel weigerde tot de regering toe te treden. Ze eiste twee posten op: het ministerie van Landbouw en een ministerie dat zich speciaal zou moeten bezighouden met de terugkeer van de naar schatting 180.000 Serviërs die na de oorlog om Kosovo in de eerste helft van 1999 de regio zijn ontvlucht of die door de Albanezen zijn verdreven.

VN-bestuurder Steiner wilde van zo'n ministerie echter niets weten. Volgens hem moet de kwestie van de terugkeer van de vluchtelingen een zaak van het door hem zelf geleide VN-bestuur in Kosovo, UNMIK, blijven. Hij stelde uiteindelijk een compromis voor: de Serviërs mogen een speciale adviseur detacheren bij Steiners kantoor en ze krijgen een speciale coördinator bij de Kosovaarse regering.

De Serviërs stemden gisteren in met het compromis, volgens Steiner mede onder druk van de regering in Belgrado. Hij meldde gisteren in aanwezigheid van de Servische vice-premier Nebojša Covic dat de Kosovo-Serviërs met ,,alle details'' van zijn compromis hebben ingestemd.

Een van de leiders van de Servische gemeenschap in Kosovo, Oliver Ivanovic, bevestigde dat later gisteren.