ABP moet premies weer verhogen

ABP, Nederlands grootste pensioenfonds, moet de komende jaren wegens de verzwakte financiële positie opnieuw de pensioenpremies verhogen. Eerder kondigde PGGM (zorg en welzijn) al hogere premies aan.

Dat schrijft het bestuur van ABP, bestaande uit vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers bij de overheid en in het onderwijs, in het vanochtend gepubliceerde jaarverslag. Ongeveer een kwart van de Nederlandse huishoudens is betrokken bij het wel en wee van ABP.

ABP zit net als PGGM in de klem van negatieve beleggingsopbrengsten en relatief hoge loonstijgingen die de pensioenverplichtingen opdrijven en de inflatietoeslag voor gepensioneerden duurder maken. Beleggingswinsten waren de afgelopen jaren de belangrijkste inkomsten in de pensioenwereld.

Vorig jaar boekte ABP vooral door de koersval op de aandelenmarkten een negatief rendement van 0,7 procent, hetgeen beter was dan het doorsnee pensioenfonds dat 2,8 procent negatief scoorde.

Dit jaar verhoogde ABP (147 miljard euro beleggingen) de pensioenpremies al met het reglementair maximale percentage van 2 procentpunt naar 13,2 procent van het salaris. Dat kost werkgevers en werknemers 400 miljoen euro.

De verhouding tussen het beschikbaar vermogen en de pensioenverplichtingen (zogeheten dekkingsgraad) bij ABP is vorig jaar gekrompen tot 112 procent, een daling met 12 procentpunt ten opzichte van eind 2000. Een dekking van 100 procent is het minimum. ABP streeft naar een dekkingsgraad van 140 procent. Het ABP-bestuur vindt dat de huidige dekkingsgraad ,,zonder verdere maatregelen niet veilig is, bezien op de lange termijn''.

De actuaris (externe controleur) van ABP, de firma Watson Wyatt Brans, zegt dat de financiële positie van het fonds ,,op zich gezond'' is, maar waarschuwt dat de positie de komende jaren tijdelijk onder druk kan komen doordat premieverhogingen ,,slechts beperkt'' kunnen worden doorgevoerd. ABP gaat bij de vaststelling van de dekkingsgraad overigens uit van cijfers die conservatiever zijn dan wat de toezichthoudende Pensioen- en Verzekeringskamer nodig acht. ABP kocht vorig jaar voor bijna 9 miljard euro aandelen van bedrijven bij, maar had na de aanslagen van 11 september te weinig financiële ruimte om met extra aankopen te profiteren van de koersval en het herstel op de beurzen.