Vlaggen verhullen Israëls onzekerheid

Onzeker viert Israël onafhankelijkheidsdag. Temidden van Palestijnse aanslagen en het legeroffensief tegen de Palestijnen worden de Israëliërs heen en weer geslingerd tussen hoop en wanhoop.

Nooit eerder waren de Israëliërs zo getroebleerd als vandaag bij de viering van de 54ste onafhankelijkheidsdag van de joodse staat. ,,Zeg me wat ons te wachten staat. Denk je dat een vergelijk met de Palestijnen nog mogelijk is? Breekt er een oorlog met Syrië uit?'' Het echtpaar dat de boekwinkel in Tel Aviv drijft laat me niet gaan. ,,Ik heb zo'n onzeker gevoel'', zegt de vrouw aan de vooravond van onafhankelijkheidsdag. Evenals haar echtgenoot steunt zij de militaire campagne `verdedigingswal' die premier Ariel Sharon na een reeks Palestijnse zelfmoordaanslagen heeft gelanceerd tegen de infrastructuur van het Palestijnse terrorisme. ,,Sharon had toch geen andere keus? We kunnen ons niet laten afmaken'', zegt de man. ,,Ik ben voor vrede met de Palestijnen maar met die moordenaar Yasser Arafat kunnen we toch niet praten? Die kerel is immers voor geen haar te vertrouwen. Wat moeten we doen?''

Een veearts weet het wel. ,,Het komt allemaal wel goed hier. Uitzetting van de Palestijnen is onvermijdelijk. Het antisemitisme dat in Europa de kop op steekt, zal Israël sterker maken. Ik voorspel een nieuwe golf joodse immigranten. Ik ben optimistisch over de toekomst van ons land. Onze geschiedenis leert dat we uit onze tragedies onverzettelijke kracht putten om te overleven. Ik lap de wereld aan mijn laars''. Maar een huisarts, net terug van een bezoek aan zijn welvarende geboorteland, vraagt zich af hij er wel goed aan heeft gedaan naar Israël te emigreren. ,,Waar gaat het heen? Wat heeft de toekomst voor ons in petto?'' Nog nooit heeft hij zoveel recepten voor kalmeringspillen voorgeschreven als de afgelopen weken.

Hoe de Israëliërs tussen hoop en wanhoop heen en weer worden geslingerd bleek gisteren uit een opiniepeiling in de krant Ma'ariv. Terwijl 75 procent vindt dat Israël een fijn land is om in te leven, vreest 61 procent voor het voortbestaan ervan. Vierenzestig procent gelooft dat Israël met een joodse meerderheid wel honderd jaar haalt.

Het feit dat vragen over het voortbestaan van Israël door opiniepeilers worden gesteld geeft aan hoe duidelijk het is de Israëliërs onder de druk van het Palestijnse geweld met dat levensprobleem worstelen. Sharon en zijn ministers weten dat ook. Daarom definiëren zij de oorlog tegen de Palestijnen als ,,de strijd om het bestaan''. In psychologisch opzicht heeft Israël daarmee de klok teruggedraaid naar de onafhankelijkheidsoorlog van 1948. Israël en de Palestijnen vochten toen de eerste oorlog uit over de verdeling van Palestina in een joodse en Palestijnse staat nadat de Verenigde Naties daartoe hadden besloten en de Arabische wereld weigerde zich daarbij neer te leggen.

De Israëliërs hebben voor het feest vandaag meer dan drie miljoen vlaggen verkocht. Jongetjes rennen voor de stoplichten bij drukke kruispunten langs de rijen auto's met vlaggetjes die met een klem tussen de ramen kunnen vastgezet. Ze gaan als warme broodjes van de hand. Het lijkt wel alsof de mensen vandaag hun onzekerheid maskeren achter een imponerende vlaggenzee.

Hoewel Sharons soldaten imponerende successen boeken tegen het Palestijnse terrorisme viert Israël zijn onafhankelijkheidsdag in het harnas. Leger en politie zijn in staat van allerhoogste paraatheid om juist deze dag een even rampzalige als demoraliserende Palestijnse zelfmoordaanslag te voorkomen. Maar veilig voelt men zich beslist niet. Nogal wat gemeenten hebben daarom afgezien van onafhankelijkheidsfeesten met muziek en vuurwerk op pleinen waar duizenden mensen zich verdringen. Waar de feesten wel doorgaan, is een grote politiemacht, versterkt met soldaten, op de been.

Hoe scherper de veiligheidsmaatregelen des te duidelijker wordt dat er geen militaire oplossing is tegen de Palestijnse terreur. Veel Israëliërs begrijpen intuïtief dat Sharons oorlog tegen de Palestijnen hoogstens een tijdelijke remedie is. Het is paradoxaal dat Sharon met zijn militaire geweld tegen de Palestijnen zoveel verwarring losmaakt dat de Israëliërs rijp lijken te worden voor de vergaande politieke oplossing waarvan hij niets wil weten.

,,Israël moet zich terugtrekken uit de (bezette) gebieden'', schreef gisteren de krant Ha'aretz in een hoofdartikel. ,,Het publiek is rijp voor de opkomst van een leider die moedig genoeg is om de tragische vergissing goed te maken, begaan door iedere Israëlische regering, om nederzettingen te bouwen. Iedereen weet dat zonder deze nederzettingen er al lang geleden een overeenkomst met de Palestijnen had kunnen worden gesloten.''

De krant Yediot Ahronot publiceerde op 12 april aan de hand van korte vraaggesprekken met specialisten van verschillende disciplines een onderzoek over Israëls falen en slagen sedert 1948. Aan de hand daarvan schrijft de krant dat de beste besluiten ten tijde van het premierschap van David Ben Gurion werden genomen. ,,Wanneer raakten we uit de koers?'' vraagt de krant zich af. Uit de antwoorden blijkt dit gebeurde na 1976 toen de regering-Rabin bezweek voor zware druk van de kolonisten (Gush Emoniem, het verbond der getrouwen) en zich neerlegde bij het begin van het stichten van nederzettingen in dichtbevolkte Palestijnse gebieden op de Westelijke Jordaanoever. Israël zag daardoor volgens dr Aviad Kleinberg niet alleen af van vrede met de Palestijnen maar bracht zijn democratisch staatsbestel een zware principiële slag toe. ,,Nooit heersten zo weinigen [kolonisten] zo lang.''