Machines hebben een leven in Kopkisten

De straten zijn winderig en leeg, de enige passagiers die bij halte Ataturk in Amsterdam-Noord uit de bus stappen zijn op weg naar de voorstelling Kopkisten. Enkele wegwijzers leiden naar een uitgestrekt terrein met loodsen en scheepswerven waar op dit tijdstip niet wordt gewerkt. De bewoonde wereld lijkt ver, maar aan kunst geen gebrek, zo blijkt.

Dat de locatieproductie Kopkisten juist hier is gemaakt, in de Oostvleugel van de immense NDSM-werf, is niet toevallig. De makers, het multidisciplinaire theatergroepje Warner & Consorten dat optreedt buiten de reguliere podia, heeft voor deze voorstelling samengewerkt met het hier gevestigde Kinetisch Noord, ,,de nieuwe broedplaats voor ongedisciplineerde kunst in Amsterdam-Noord'', aldus de begeleidende informatie van Kopkisten.

In overeenstemming met de omgeving heeft de groep met medewerking van Jim Whiting, een Engelse ontwerper van mechanische installaties, objecttheater gemaakt waarin machines en mechanieken de boventoon voeren. Letterlijk. Ze ratelen, piepen en bellen, ze dreunen, bonken en knarsen. De een klinkt bezorgd, de ander vermanend. Soms zijn ze vrolijk of opgewonden, dan weer somber en klagend. Alsof het levende wezens zijn. En zo ga je ze onwillekeurig ook beschouwen.

Het zijn vaak rare, grappige constructies, enthousiast in elkaar geknutseld met behulp van oude onderdelen zoals zijwieltjes van een kinderfiets, wasmachinetrommels, afgedankte stofzuigers en veel slangen, stangen en snoeren die alles bijeenhouden of in beweging brengen. Want alles rijdt of komt in actie. Zo is er een aandoenlijk schemerlampje dat rondhobbelt op een wagentje, een kaasplankje op wielen, een rijdende trechter die automatisch zoutcirkels strooit, wasgoed dat zichzelf aan de lijn hangt en ritmisch schudt, een driftig roerend lepeltje in een kop koffie.

Behalve deze kleine uitvindingen, zijn er grote rijdende voorwerpen, zoals een kast met rinkelende flessen en een bellende tafel met handtasjes waar af en toe een hand uit oprijst die een pruik probeert te grijpen. De acteurs blijken deze logge gevaartes verrassend snel door de hal te kunnen verplaatsen. Het publiek dat tijdens de voorstelling rondloopt, voelt zich bij tijd en wijle van alle kanten belaagd en moet regelmatig opzijspringen voor langsdenderende attributen.

Naast deze eigenzinnige machines veranderen de zeven beeldhouwers, muzikanten en bewegingsacteurs van Warner & Consorten in mechanisch handelende figuren. Mens en machine hebben in Kopkisten veel trekjes van elkaar overgenomen. Wie bedient en wie bediend wordt staat niet vast, al lijken de mensen vaak verdacht veel op de slaven van hun werktuigen. In steeds wildere scènes zitten ze elkaar en de toeschouwers op de hielen. Daarbij wordt geen woord gesproken, de spelers produceren alleen klanken, ze ontlokken geluiden aan allerlei instrumenten en ze slaan ritmisch met matjes op de grond tot het stof opwolkt. De hoge kille werf is voortdurend gevuld met beeld en geluid. Het resultaat is onvoorspelbaar en speels, je komt ogen en oren tekort.

Voorstelling: Kopkisten door Warner & Consorten. Regie: Warner van Wely. Gezien: 12/4 Amsterdam-Noord. Aldaar t/m 27/4. Inl. 020-663 2656 of www.warnerenconsorten.nl