Hoe Wim Kok zijn regie hervond

Niet minister Pronk, niet minister De Grave, maar de minister-president zelf speelde de hoofdrol tijdens de laatste dag van Kok-II.

Veel had politiek Den Haag verwacht van deze dag, waarop acht jaar paarse samenwerking tot een einde kwam, en het tweede kabinet-Kok zou vallen over `Srebrenica'. Maar, afgezien van enkele ingewijden, hadden weinigen dít verwacht: Kok maakte een einde aan alle interne discussies en ruzies in het kabinet van de laatste dagen door aan het begin van de ingelaste vergadering van de ministerraad aan te kondigen dat hij zélf besloten had op te stappen. Voor de andere ministers en staatssecretarissen zat er toen weinig anders op dan Kok te volgen.

Hoewel aan het Binnenhof al vrijwel zeker werd aangenomen dat het kabinet zou vallen, begon deze dinsdag in een sfeer van speculaties over de manier waarop. De avond tevoren waren de ministers van de verschillende coalitiepartijen bijeen geweest, nadat minister Pronk maandag in de Kamer had laten doorschemeren op eigen houtje stappen te willen ondernemen. Iedereen, met name Kok, was duidelijk dat de ontknoping niet, zoals eerder gepland, tot de reguliere kabinetsvergadering van vrijdag op zich kon laten wachten. Kort voor middernacht was uit het Catshuis, waar de PvdA-ministers bijeen waren, een telefoontje gegaan naar het huis van VVD-leider Dijkstal, waar de VVD'ers uit het kabinet een kopje thee dronken: Kok zou de zaak zelf ter hand nemen. Slechts heel weinigen waren ervan op de hoogte wat precies het plan van de premier was.

Even na twee uur in de middag is alles voorbij, en om tien voor drie deelt Kok zelf in enkele zinnen de pers mee dat hij naar de koningin gaat om het ontslag van zijn kabinet aan te bieden. Daarna zal hij ook in de Kamer verschijnen, die haar vergadering om twee uur heeft geopend, en meteen weer geschorst.

Nadat de koningin van het ziekbed van prins Claus in het Amsterdamse AMC is teruggekeerd naar het Haagse paleis Huis ten Bosch vertrekt ook Kok per auto uit het Torentje daarheen. Om vijf uur is de premier terug in de Kamer en wordt voor het eerst duidelijk hoe hij eigenlijk heeft gehandeld. De eerste zin, over het feit dat de koningin het ontslag van het voltallige kabinet heeft aanvaard, klinkt nog enigszins met gebroken stem. Daarna wordt de spreektrant van Kok allengs helderder. Hij vertelt tot de slotsom te zijn gekomen dat de betrokkenheid van drie achtereenvolgende kabinetten bij Srebrenica ,,niet zonder politieke consequenties' mocht blijven.

Niet dat Nederlandse ministers schuld dragen aan de massa-executies uit 1995, dat doen alleen de Bosnische Serviërs en hun aanvoerders, betoogt Kok. Het is eerder de internationale gemeenschap, waarvan ook Nederland deel uitmaakt, die het falen van de safe area Srebrenica mede op zijn geweten heeft. Maar waar de internationale gemeenschap niet ter verantwoording kan worden geroepen, en ook in Nederland geen politieke eindafrekening over Srebrenica heeft plaatsgevonden, heeft Kok besloten dat te doen, vertelt hij.

Schuld voor het Bosnische drama voelt de nu demissionaire premier niet, wel medeverantwoordelijkheid, blijft hij benadrukken. ,,Ik sta voor wat ik heb gedaan, ik kan iedereen recht in de ogen kijken". Ook de Nederlandse militairen van Dutchbat treft geen blaam.

De enige andere bewindsman aan wie Kok nog enkele woorden wijdt, is minister van Defensie De Grave. Deze voelt, aldus Kok, ,,aanvullende verantwoordelijkheid' ten aanzien van de informatievoorziening door hoge militairen na de val van Srebrenica, de `doofpot' waarop het NIOD-rapport de vinger heeft gelegd. Naar later op de dag in de Haagse wandelgangen duidelijk zal worden, is deze zinsnede in Koks verklaring het gevolg van ingrijpen van De Grave zelf, die bij het kabinetsbesluit tot aftreden aantekening heeft laten maken. Pronk, de andere minister die de afgelopen weken in verband met Srebrenica tot zelfstandige actie leek te willen overgaan, en daarmee de premier meerdere malen tot woede heeft gedreven, komt in het stuk vandaag in het geheel niet voor.

Hoe dicht de premier vandaag zijn kaarten tegen de borst heeft gehouden, blijkt wel uit het feit dat VVD-leider Dijkstal tijdens Koks bekendmaking ijverig zit op te schrijven wat de premier zegt. Een Kamerdebat over de bekendmaking wordt, op verzoek van een aantal fracties, tot vandaag uitgesteld.

Op de gang geven de diverse fractieleiders hun eerste reacties. Voorzichtigheid overheerst: niemand waagt het Koks beslissing af te keuren. Wel zijn er gradaties in bewondering. Melkert noemt Koks conclusies ,,onvermijdelijk' en vertelt iets wat eerder in het openbaar niet was opgevallen: hoe vreselijk moeilijk Kok het al langere tijd persoonlijk heeft gehad met de inhoud van het NIOD-rapport. VVD-leider Dijkstal, iets minder empathisch, spreekt niettemin van een moedig besluit en een indrukwekkende verklaring. Hij relateert de beslissing niet zozeer aan de door Kok gehuldigde mondiale verantwoordelijkheid, maar eerder aan het feit dat Kok zelf als vice-premier of premier was betrokken bij de drie kabinetten zich met Srebrenica hebben beziggehouden. CDA en GroenLinks maken zich enige zorgen over de manier waarop de Kamer verder in staat zal worden gesteld over het NIOD-rapport te debatteren. Wordt het niet een tandeloos debat, nu het kabinet al van tevoren consequenties heeft getrokken? GroenLinks en D66 blijven bij hun voornemen een parlementaire enquête te vragen.

Een adembenemende dag van politiek eindigt met een persconferentie van Kok, waarin deze de achtergrond en aard van zijn handelen nog eens goed duidelijk maakt. Ver verheven, zo moeten de aanwezigen begrijpen, was Koks handelen boven de omstandigheden waarvan journalisten de afgelopen dagen dachten dat zij Kok opjoegen en ergerden: het dreigend aftreden van Pronk en De Grave. De premier is geheel zelfstandig, in overeenstemming tot zijn politiek geweten, tot zijn stap van vandaag gekomen. Hoogstens heeft het incident met Pronk gisteren de zaak met enkele dagen versneld. Van ergernis, improvisatie en wat dies meer zij was nooit sprake, aldus Kok. Zijn plan is ,,geleidelijk gerijpt'. ,,Wie mij een beetje kent, weet dat ik een honderd procent eigen, integere afweging heb gemaakt'.