Wroeging in oud Ghanees fort

Het bezoek van Máxima en Willem-Alexander aan het Ghanese fort Elmina was doortrokken van oude en nieuwe handelsgeest.

De Ghanese gids weet het zeker: Máxima was geschokt bij het zien van de cellen waarin slavinnen voor het genoegen van de Nederlandse gouverneur werden opgesloten.

Buiten het zicht van de pers werden Willem-Alexander en Máxima gisteren rondgeleid in het enorme fort in Elmina, tussen 1637 en 1872 het hoofdkwartier van de Nederlandse handelaren aan de Goudkust. Willem-Alexander toonde geen emoties. Maar dat doen mannen ook niet snel, aldus de gids.

Willem-Alexander had zich kort daarvoor in de meest algemene zin uitgelaten over het Nederlandse slavernijverleden. Op de binnenplaats van het fort opende hij, in het bijzijn van lokale chiefs, een bijeenkomst over de toekomst van de verpauperde vissersplaats Elmina. Drie zinnen in de toespraak waren gewijd aan slavernij. De slotzin luidde: ,,We kijken nu met wroeging terug op die donkere periode van menselijke relaties, en we herinneren ons de slachtoffers van die onmenselijke handel.''

Met het woord wroeging (`remorse') volgt het koningshuis het kabinet, dat bij monde van minister Van Boxtel (Grotesteden- en integratiebeleid) vorig jaar sprak van `deep remorse'. Wie er precies met wroeging terugkijken, wij Nederlanders of wij mensen, blijft onduidelijk. Wie had gehoopt dat de kroonprins het bezoek aan Elmina zou aangrijpen voor een duidelijke uitspraak over het verleden van Nederland als een natie die in slaven handelde, komt bedrogen uit.

De Nederlandse handelsgeest waart nog steeds rond in het fort. De KLM, sponsor van een tentoonstelling, is prominent aanwezig met posters waarop reclame wordt gemaakt voor de business class. Dat lijkt een merkwaardig product om in deze omgeving aan te bieden, maar de KLM speelt waarschijnlijk alert in op de omstreden vergelijking van wetenschapper Piet Emmer, die schreef dat slaven op de schepen net zoveel ruimte tot hun beschikking hadden als passagiers in de economy-class van een Boeing 747.

Niet slavernij, maar toerisme was het sleutelwoord bij het bezoek aan Elmina. De Nederlandse, Engelse, Portugese en Deense forten langs de kust vormen Ghana's voornaamste toeristische attractie, en Elmina is daarvan de grootste. De goed geconserveerde, indrukwekkende vesting is het oudste Europese gebouw in Afrika. Jaarlijks bezoeken 100.000 toeristen het fort, van wie meer dan de helft uit het buitenland.

Een probleem daar is wel dat ze dat doen als dagtocht vanuit de hoofdstad Accra en het stadje links laten liggen. Door de kwijnende vis- en zoutindustrie heeft Elmina een nieuwe bron van inkomsten hard nodig. Met Nederlandse inbreng wordt nu een programma ontwikkeld om het gemeenschappelijke erfgoed te gebruiken voor economische ontwikkeling, en om de bevolking daar zelf enthousiast voor te maken. Goede sanitaire voorzieningen, een pittoreske haven en eenvoudige horeca moeten Elmina aantrekkelijk maken voor internationale donororganisaties.

Grootste struikelblok is de wedijver tussen de vele lokale leiders, die elkaar niet gunnen dat het stukje erfgoed van de ander het eerst wordt opgeknapt.

De invasie van gisteren was een aardig voorschot op al die toeristen die moeten volgen. Spandoeken boven de straten heetten het paar welkom, de massaal uitgelopen jeugd zwaaide met Ghanese en Nederlands vlaggetjes. Respectievelijk met forse Gucci-zonnenbril en bezwete rug wandelden Máxima en Willem-Alexander door de stoffige straten. Voor praatjes met omstanders was geen tijd. En ook al beschouwden de Ghanezen dit als een verlengde huwelijksreis, het tonen van affectie tussen de pas-gehuwden schiet er ook bij in.

Slechts één incidentje telt de Ghana-reis tot nu toe. Tot woede van de Nederlandse fotografen waren ze op het meest fotogenieke moment van de dag, toen Willem-Alexander en Máxima even in traditionele kleding werden gehuld, door de RVD het fort uitgestuurd. Dat kon alleen nog worden rechtgezet door de foto te kopen van de Ghanese fotografe die er wel bij was. ,,Zul je zien dat dit dé foto van het bezoek wordt'', gromden de fotografen.