Marokkanen solidair met Arafat, als het uitkomt

Nergens is zo fel geprotesteerd tegen het Israëlische optreden tegen de Palestijnen als in Marokko. Maar de echte problemen waarover Marokkanen zich zorgen maken zijn corruptie en werkloosheid.

Het leek uitgever Abdelrhaffer Souiriji uit Marrakech wel een mooie geste. Hij heeft juist een Arabische vertaling van de Franse schrijver Jean Genet uitgegeven, een eenvoudig boekje dat twintig dirham, twee euro, moet gaan kosten. ,,Alle inkomsten van dit boek zullen worden gestort op de rekening van een hulporganisatie voor de Palestijnen'', zegt hij beslist.

Een kleine, heel symbolische bijdrage. Want was het niet Jean Genet die in 1982 in een reisverslag de slachting beschreef die met medewerking van Ariel Sharon werden aangericht in de Palestijnse vluchtelingenkampen Sabra en Shatila?

In geen ander `Arabisch' land werd zo massaal geprotesteerd tegen het optreden van de Israëlische troepen als in Marokko. De Marokkaanse koning Mohammed VI stelde de volksfeesten uit die dit weekeinde in Marrakech gepland waren ter gelegenheid van zijn huwelijk. Hij deed dat nadat bij een protestmars vorige week in Rabat naar schatting een miljoen mensen aanwezig waren. Wij zijn allen Palestijnen, zo viel te lezen in de tocht.

,,Iedereen is Arafat voor een uur of drie'', schampert uitgever Souiriji. ,,Als iedereen zich Palestijn voelt, moeten ze dat ook maar eens bewijzen.'' Bij de presentatie van de vertaling deze week roept hij Arabische schrijvers op een deel van hun boekenopbrengsten af te dragen aan de Palestijnse zaak.

De verontwaardiging over het Israëlische optreden tegen de Palestijnen in Marokko is algemeen. In de protestmars vielen zelfs kleuters te bespeuren met een zwarte hoofdband en een houten pistool. Maar dat betekent nog dit niet dat nu ook in Marokko de martelaren klaar staan om voor de Palestijnse zaak te sterven. Israël is ver weg en in het tolerante Marokko lopen de zaken meestal niet zo'n vaart, meent de Spaanse schrijver Juan Goytisolo in zijn huis in de medina van Marrakech.

Goytisolo, die al decennialang in Marokko woont, is net terug van een rondreis die hij met een afvaardiging van het internationale schrijversparlement maakte. Als een van de laatsten kregen zij toestemming om Yasser Arafat in zijn belegerde kantoor in Ramallah te bezoeken. ,,De Palestijnen fungeren als een symbolische, bindende factor in de Arabische wereld'', meent Goytisolo. ,,Bin Laden had het ook voortdurend over de Palestijnen. Want wat er in Afganistan gebeurde daar begrepen de meesten hier niets van.''

De Palestijnen als symbool van de Arabische eenheid is krachtig. Maar achter de schijnbare eenheid in het protest gaan belangen schuil die niet altijd met elkaar sporen. Velen zagen de massademonstratie van vorige week als een poging van de Marokkaanse autoriteiten om de groeiende onvrede in eigen land te kanaliseren. De officiële partijkranten besteedden de afgelopen dagen aanmerkelijk meer ruimte om de voorbeeldige solidariteit met de Palestijnen te bejubelen dan aan een beschrijving van de actuele gang van zaken in de bezette gebieden. Ook de ,,indrukwekkende zelfdiscipline'' van de mensenmassa werd breed uitgemeten. Er sneuvelde nog geen etalageruit en zelfs de McDonalds die op de route lag, symbool van Amerikaans imperialisme, werd ongemoeid gelaten.

Wat de meeste media niet meldden waren de problemen die de socialistische premier Abderrahmane Youssoufi ondervond om aan de mars deel te nemen. Het weekblad Le Journal, erkend zwart schaap in het Marokkaanse medialandschap, beschreef hoe de regeringsdelegatie slechts met de grootste moeite het parlementsgebouw kon verlaten omdat zijn weg werd geblokkeerd door zowel fundamentalistische, als extreem-linkse demonstranten. ,,Youssoufi is een nul'', werd er geroepen en ,,Regering dit is niet jullie mars''. De eerste minister moest uiteindelijk met zijn gevolg het station van Rabat invluchten en per trein worden afgevoerd, aldus Le Journal.

Werkloosheid, economische malaise en corruptie – de echte zorgen van de Marokkanen liggen dichter bij huis. Toch meent schrijver Goytisolo dat het protest in een land als Marokko nog altijd opmerkelijk is in vergelijking met de passiviteit in de westerse wereld. Op zijn eigen reis, een poging tot culturele verzoening, ontbrak de inzet niet. Maar het was een ,,enorme stommiteit'' van zijn Portugese collega en Nobel-prijswinnaar José Saramago die de zaak deed struikelen. Hij vergeleek de behandeling van de Palestijnen met het bewind in Nazi-Duitsland, met als gevolg dat zelfs kritische intellectuelen in Israël de deuren sloten.

Net als in Marokko hebben autoriteiten in de regio ieder zo hun reden om voorzichtig om te springen met de kwestie. Verrassend was een protestmars in Koeweit, een land dat na de Golfoorlog alle Palestijnen het land uitgooide. ,,Maar in Egypte werden demonstraties verboden, omdat men bang was dat het zou uitlopen op een protest tegen de passiviteit van de regering en de Arabische liga'', zegt Goytisolo. Met allure wordt de solidariteit met de Palestijnse zaak beleden, maar men is op zijn hoede voor het protest. ,,Retoriek'', meent Goytisolo, ,,is uiteindelijk de grootste vijand van de Arabische wereld.''