Joe Lovano

De Amerikaanse jazzmuzikant Joe Lovano onderstreept zijn Italiaanse achtergrond met Viva Caruso, waarop hij als tenor(saxofonist) een ode brengt aan een andere tenor, de legendarische Enrico Caruso (1873-1921). Caruso maakte exact een eeuw geleden zijn eerste opnamen en was de eerste vocalist die dankzij platen stinkend rijk werd. Dat Lovano (1952) dat ook lukt is gezien zijn branche niet erg waarschijnlijk, maar Viva Caruso is wel een dappere poging de jazz een ruimer perspectief te bieden.

Op deze cd laat hij zich horen met de groepen The Opera Ensemble en de Street Band. Dat suggereert een groot verschil, dat in de praktijk echter klein is.

Van de deunen zijn er enkele natuurlijk verplicht: Santa Lucia en O Sole Mio (waaraan zelfs Elvis Presley zich waagde). Verrassender klinken het peinzende Pecche? en het door een gestreken contrabas ondersteunde hoogtepunt uit I Pagliacci van operacomponist Ruggiero Leoncavallo. Dat Lovano in dit laatste stuk werkelijk op Caruso lijkt is behalve aan zijn ongewone instrument, een Borgani saxofoon met een houten mondstuk, te danken aan de keuze voor een bijna galmloze registratie.

Joe Lovano: Viva Caruso (Blue Note 7243 5 35986). Distr. EMI.