Pseudo-Russisch (2)

Vanaf de zeventiende eeuw hebben wij woorden uit het Russisch geleend en de Ruski's woorden van ons, maar het pseudo-Russisch lijkt voornamelijk afkomstig uit de twintigste eeuw. Dat is niet onlogisch: de communistische machtsovername, de internationale opkomst van de communistische partijen, de bijdrage van de Russen aan de Tweede Wereldoorlog en de Koude Oorlog hebben op een groot publiek veel indruk gemaakt.

Hoe het ook zij, een lezer meldde dat hij eind jaren twintig met zijn schoolvriendjes in Amsterdam sprak over kabulski maken als hij `keet schoppen, kabaal maken' bedoelde. Vooralsnog is dit het vroegste Nederlandse voorbeeld van pseudo-Russisch, dat mogelijk is beïnvloed door de onrust indertijd in Kabul. Kabulski maken kom je nu niet meer tegen, maar er zijn vandaag de dag veel mensen die opski, pikinski en komopski zeggen voor respectievelijk `(het eten is) op', `inpikken, hebbes' en `kom op'. Het bekendst blijkt pikinski, dat ook in sommige kaartspelletjes wordt gebruikt, soms met als toevoeging pikinski, 't is winter.

De lancering van de Spoetnik-1, op 4 oktober 1957 – de eerste geslaagde kunstmaanlancering ter wereld – zorgde voor de opmars van pseudo-Russische woorden die eindigen op -nik. Te denken valt aan beatnik, dat al in 1958 is opgetekend, en aan refusenik, dat begin jaren zeventig ontstond voor `joodse sovjetburger die langs legale weg een uitreisvisum heeft aangevraagd om zich in Israël te vestigen, maar die geen toestemming krijgt het land te verlaten'.

De minirok bracht in 1962 niet alleen veel ouders tot wanhoop, maar zorgde ook voor een nep-Russisch sekswoord, te weten kziejepoesnetniet (ook wel zipoesnjetni en poesjnetnietzien. In hetzelfde domein vinden we kapotjeplof voor `gescheurd condoom'. We begeven ons hiermee naar de onderkant van de humor, waar Iwan Kapotjeplof in gezelschap verkeert van onder meer Lady Willwell, Lord Cannotmore en Serge Vlugopdekut. Enkele zéér bekende pseudo-Russische (of -Bulgaarse) eigennamen zijn voorts Slarottimof, Moldimof en Rotopdimov – drie bijnamen voor Hitler. Ja, Hitler had nog veel meer van dit soort bijnamen, en ook Serge Vlugopdekut heeft nog talloze collega's, maar stuur ze me niet, want die namen zijn al meermalen geïnventariseerd. Is het pseudo-Russisch hiermee volledig geïnventariseerd? Nee, want Karin Bloemen, misschien wel de beste zangeres van Nederland, noemt zich tamelijk consequent (La) Bloemski.

Tot slot nog een fraaie reactie van iemand uit Heemstede, een reactie die aantoont dat ook Russischtaligen prima overweg kunnen met nep-Russisch. ,,In het laatste oorlogsjaar bestond de plaatselijke bezetting in mijn geboortedorp Anna Paulowna voornamelijk uit Georgiërs in Duitse dienst, die allang genoeg van de oorlog hadden. Er was een oude Georgiër, die Iwan heette of door mijn vader zo genoemd werd. Hij moest op de uitkijk staan op de kerktoren vlak bij ons huis. Een herhaald grapje was dat mijn vader riep: `Iwan, Iwan, wek, wek, bomberdewatski' en dat Iwan dan deed of hij dekking moest zoeken voor geallieerde bommenwerpers. De pseudo-Russische uitgang -watski was dus in 1945 al productief.''

En helemaal tot slot een antwoord op de vraag of pseudo-Russisch alleen in het Nederlands voorkomt. Nee, zeker niet. Zoals gezegd leenden wij radikalinski uit het Duits. Het bekendste Engelse pseudo-Russische woord is het veelal beledigend bedoelde Russki (ook wel Rusky) voor `Rus'. Wij hebben dat in het Nederlands geleend als Ruski (met één s) en hoewel je het geregeld in de kranten tegenkomt, is het nog niet door de woordenboeken gesignaleerd. Een ander nep-Russisch woord dat in het Engelse taalgebied volop wordt gebruikt, is brewski voor `bier' (,,Who would like another brewski?''). En naast beatnik en refusenik spreekt men soms van no-goodnik en peacenik. Franse voorbeelden zijn mij niet bekend, maar zonder twijfel bestaan ze. Ook zijn er vast veel meer Duitse en Engelse pseudo-Russische woorden. Daarover wellicht een volgende keer.

Reacties naar de Achterpagina of naar sanders@nrc.nl. Voor een samenvatting hiervan zie op vrijdag www.nrc.nl