Al Gore is terug, zijn partij niet

Al Gore heeft zich zaterdag gemeld als kandidaat voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2004. De Democraten willen een einde aan hun fletse oppositierol.

Al Gore is terug. Met een ontspannen en voor president Bush harde toespraak tot partijgangers heeft hij zich zaterdag weer gemeld als kandidaat om rekening mee te houden. Gore heeft zijn baard afgeschoren. Maar de Democraten zijn nog lang niet terug.

,,Leden van deze regering zitten fout wanneer zij tekeergaan tegen eerbare mannen en vrouwen die kritiek hebben op hun ultrarechtse agenda en schaamteloos oneerlijke begroting. Ik ben deze rechtse zijwind moe. Ik ben het zat.'' Zo heeft Gore in jaren niet gesproken. Hij bracht het zelfs op de naam Clinton uit te spreken: ,,Het kan mij niet schelen wat iedereen denkt. Ik vind dat Bill Clinton en ik het verdomd goed hebben gedaan!'' De fans kregen vleugels. Zeker toen Gore doorstootte met: ,,Amerikaanse waarden worden vertrapt. Dit land wordt bestuurd door degenen die het meest betalen.''

De bijeenkomst in Lake Buena Vista, Florida, had alle elementen van een collectieve zuivering. In deze zelfde staat vocht Gore eind 2000 vergeefs de onbeslist geëindigde verkiezingen aan, die George W. Bush won na een uitspraak van het Supreme Court. Het was niet minder dan symbolisch dat het Gore was, die hier als hoofdspreker de strijd aanbond tegen de Bush-dynastie: Jeb, de broer van de president is er gouverneur. Hij is opnieuw kandidaat. Democraten willen hem dit najaar graag verslaan, al was het maar om George W. te waarschuwen voor 2004, wanneer hij het Witte Huis moet verdedigen. De samengestroomde Democraten leken ook een streep te willen zetten onder de kleurloze, timide oppositie van de laatste anderhalf jaar.

Oppositie voeren was nooit makkelijk gezien de verhoudingen in het Congres. De Republikeinen hadden het Huis van Afgevaardigden in handen. De 50-50 verhouding in de Senaat kantelde bijna een jaar geleden in het voordeel van de Democraten toen de Republikein Jeffords overliep. Vanaf die dag wist Tom Daschle, de leider van de Democraten in de Senaat, af en toe een ultraconservatieve benoeming tegen te houden. Bij veel onderwerpen kan Daschle echter niet rekenen op de zuidelijke Democraten, die van oudsher conservatief stemmen.

En toen kwam 11 september. President Bush belichaamde met verve de stemming van een natie in shocktoestand. Geen Democraat durfde de Opperbevelhebber in de Oorlog tegen het Terrorisme te bekritiseren. Pas toen Bush rond de jaarwisseling meer oude, binnenlandse thema's aansneed, hervonden enkele Democraten een oppositionele stem. Maar nog steeds wisten de meesten niet hoe zij een president met een waarderingsscore van boven de 80 procent van repliek moesten dienen.

Gore had kennelijk geluisterd naar alle kritiek die over hem was uitgestort. Zaterdag zei hij nog steeds `schouder aan schouder' te staan met de president in zijn strijd tegen het terrorisme. Maar op binnenlands gebied hield hij zich niet meer in. Hij beschuldigde Bush ervan Amerika's langetermijnbelangen uit te verkopen om op korte termijn politiek voordeel te behalen op het gebied van het milieu, onderwijs, sociale zekerheid en economie.

,,Waar het op neerkomt'', constateerde Gore, ,,is dat de Republikeinen geen geld hebben voor meer politie, om absenteïsme op scholen te bestrijden, om voorzieningen voor bejaarden op peil te houden. Ik heb dezer dagen mijn scheerapparaat gebruikt, maar deze mensen doen het met slagersmessen.'' Gore's prominente rol op de conferentie betekent niet dat hij verzekerd is van de kandidatuur in 2004. In Florida is oud-minister van Justitie Janet Reno kandidaat tegen Jeb Bush. Landelijk heeft Gore aanzienlijke weerstand in eigen partij te overwinnen. Daar ontmoette hij in Florida drie prominente voorbeelden van. Zijn oud-`running mate' Lieberman is er één. Die reist het land rond, al heeft hij verklaard het niet tegen een eventuele kandidaat Gore te zullen opnemen. Zulke garanties zijn niet afgegeven door de senatoren Kerry (Massachusetts) en Edwards (North Carolina). En dan zijn er nog Daschle en Gephardt, die de strijd voor de Democraten in de Senaat en het Huis van Afgevaardigden aanvoeren.

Geen van hen bezit het geheim dat de Democraten een nieuw, eigen gezicht kan geven. Tot nu toe hebben de meeste Democraten in peilingen gezegd dat een ander maar eens hun strijd om het presidentschap in 2004 moet gaan leiden. Anonieme critici geven Gore flink de schuld van de verloren verkiezingen van 2000. Maar het seizoen is nog lang. Als Gore nog een paar van dit soort toespraken houdt, hebben de Democraten eerder een nieuwe leider dan zij hadden gedroomd.