Zeeuwse en Portugese zeebenen

Elke maker van een muziekprogramma bedenkt tegenwoordig een thema of `rode draad'. Toegeven dat een programma een toevallig gevolg is van het marktaanbod is een teken van zwakte en titels als `de muzikale fruitmand' en `dit en dat, van alles wat' kunnen echt niet meer.

Dat de ontmoeting van de Zeeuwse rockgroep Bløf met de Portugese zangeres Cristina Branco is opgehangen aan `melancholie' is prima, maar het had net zo goed `zeebenen' kunnen zijn. Ten eerste omdat Branco zich op haar voorlaatste cd wijdde aan in het Portugees vertaalde teksten van scheepsarts en dichter J.J. Slauerhoff. Maar ook omdat het hoogtepunt van Paradisolife, de eerste aflevering van een serie van vijf, het Bløflied Dansen aan Zee is. De titel zingen Branco en Bløfs boegbeeld Pascal Jakobsen eendrachtig en veelvuldig samen, voor de rest hanteren ze ieder hun eigen taal. Pascal betoont zich andermaal een wat ruig uitgevallen Herman van Veen en Branco blijkt sinds haar Nederlandse debuut van '98 vooral qua dramatiek behoorlijk gegroeid.

Niet minder melancholisch klinkt het duet dat Pascal neerzet met Fernando Lameirinhas in Abraça-me/Omhels me dan. Maar ook minder verrassend omdat Jakobsen net als twee jaar geleden op Lamerinhas cd O Destino almaar `alsmaal' blijft zingen. Dat dit super pathetische meezinglied nooit een hit is geworden is een onverklaarbaar raadsel.

Dat ook het cello-octet Conjunto Ibérico in deze muzikale fruitmand opduikt wekt geen verbazing, deze club wil altijd wel, al zou het over suikerbieten gaan. Eén van de cello's van dit hofje levert samen met de kop van Branco wel de mooiste beelden op. Voor het overige heeft dit programma hetzelfde effect als de meeste muziek-programma's op tv: ach wat een aardige muziek, mooi om de ogen even bij te sluiten.

Paradisolife, zondag, NPS, Ned 3., 19.30-20.28u.