Lekker wandelen in de vrije natuur van modern China

Het lijkt zo handig: als we een kaartje kopen voor de Chinese toerbus, dan pikken ze ons voor de deur van het hotel op, de bus rijdt ons naar het natuurpark bij Laoshan en we wandelen de hele dag heerlijk in de bergen bij zee. Daarna zet de bus ons weer bij het hotel af.

Maar het loopt allemaal wat anders. Als het gammele minibusje 's ochtends een halfuur voor de afgesproken tijd komt aanrijden en wij zonder ontbijt binnen stommelen, dan zijn de meeste plaatsen al bezet door stevig rokende mannen in uitgewoonde confectiepakken. Ze zien eruit als handelsreizigers, niet echt als mensen die straks even lekker een stevig stuk gaan lopen. We vallen duidelijk uit de toon, met onze wandelschoenen en stokken. ,,Wat zijn dat nou?'', vraagt onze gids, verbaasd op onze wandelstokken wijzend. ,,We gaan daar toch wandelen?'' proberen we. Dat laat de gids nog liever even in het midden. ,,Eerst gaan we naar een heel interessante plek aan zee, dat vinden jullie vast leuk.''

Dan zet de gids een megafoon aan haar mond, om ons luid en duidelijk te vertellen dat Qingdao beroemd is om speciale cosmetica die is samengesteld op basis van gemalen parels. Daarvan wordt je huid heel mooi blank, het schoonheidsideaal van de Chinese vrouw. Onze gids waarschuwt echter dat er ook heel veel namaak-cosmetica in omloop is. Die is gemaakt van gemalen schelpen, vermengd met schuurpoeder en een venijnig bleekmiddel. Als je die troep koopt, dan kun je je huid na verloop van tijd in vellen van je gezicht pellen. Niet gebruiken dus, is haar advies.

Maar hoe onderscheid je echt van namaak? Dat krijgen we helemaal gratis uitgelegd in een hotel aan zee, waar we in een moeite door ook nog een gegarandeerd echt parelcollier kunnen kopen. En voor de mensen die niet om parels geven, is er ook nog iets anders te zien. ,,Op deze plek wordt tijdens de Olympische Spelen van 2008 het Olympisch kampioenschap zeevissen gehouden'', verklaart de gids trots. Heel interessant, zeker omdat vissen vermoedelijk ook in 2008 nog geen Olympische sport zal zijn.

Veel mannen in de bus zijn noch in parels noch in vissen geinteresseerd, en ze verdrijven de lange tijd dat het busje op de parkeerplaats stilstaat door hun meegebrachte verrekijkers vanuit hun stoelen op het dak van de bus te richten. Als dat wat al te saai wordt, steken ze nog maar eens een sigaretje op.

Naast ons staat een ander busje stil, dat ook aan de parels moet geloven. ,,Ik versta ze niet. Zo te zien zijn het Oeigoeren uit Xinjiang'', zegt onze gids tegen haar buurman. Oeigoeren zijn blanke centraal-Aziaten die een aan het Turks verwante taal spreken. ,,Hun vrouwen zijn altijd zo mooi'', vindt haar buurman. ,,Nou, maar ze zijn wel dik ook, hoor. Dat komt doordat ze zoveel rundvlees eten en zoveel melk drinken'', weet onze gids.

Heel interessant allemaal, maar we wilden eigenlijk zo graag een stuk wandelen. ,,Nog even wachten, we gaan zo naar Laoshan'', zegt de gids, die langzaamaan iets minder vriendelijk wordt tegen die buitenlanders met hun klossen van wandelschoenen.

Als het busje eindelijk weer vertrekt, komen we langs een hele reeks villaparken. De huizen moeten maar liefst 400.000 euro gaan opbrengen, maar een groot deel van de met glimmend witte of roze badkamertegeltjes bedekte gebouwen staat leeg. Het glas in de ramen ontbreekt, wind en regen hebben er vrij spel. De groep puissant rijke Chinezen die bereid is om veel geld neer te tellen voor een villa aan zee blijkt helaas aanzienlijk kleiner dan veel projectontwikkelaars aanvankelijk hadden gehoopt. Al met al doen we er drie uur over om de veertig kilometer naar Laoshan af te leggen.

En nu gaan we wandelen, toch? ,,Sorry, maar dat zal niet gaan'', zegt de gids resoluut. ,,We gaan een aantal attracties af, en daar kun je telkens even uit de bus. We gaan als groep het park in, en we gaan er ook als groep weer uit. Dat zijn de regels.'' Tsja. We stappen net voor de ingang van het park uit het busje. Heerlijk, wat een vrijheid. Opgelucht wuiven we ons reisgezelschap vaarwel.