Verstuur nooit e-mail

Seksplaatjes sturen via e-mail mag niet in de baas zijn tijd. Daar zijn de werknemers van chemiebedrijf DSM onlangs nog aan herinnerd. Op die manier wordt misbruik gemaakt van zakelijk ter beschikking gestelde middelen en van de arbeidsuren die de werkgever betaalt.

Rechtszaken nemen toe, de bedrijfscodes ook. De Amerikaanse zakenbank Merrill Lynch heeft niet eens een redelijke verdenking nodig. De bank controleert al het dataverkeer van werknemers. Op overtreding van de interne gebruikscodes volgt onherroepelijk ontslag.

De voormalige topanalist Henry Blodget van Merrill Lynch had weinig problemen met zijn werkgever en vertrok onlangs met een gouden handdruk van 12 miljoen dollar. Zijn dataverkeer staat inmiddels wereldwijd in het middelpunt van de belangstelling. Ditmaal door zijn puur zakelijke gebruik. Een onderzoek van Justitie in New York naar de ster-analist zou aantonen dat hij in e-mails geheel andere adviezen gaf dan de aanbevelingen die hij in het openbaar deed, gestimuleerd door contraire zakelijke belangen van het effectenhuis.

Bij Merrill – met een stier in het logo als symbool van een positief gestemde bull-markt – krijgt de naam van het interne memosysteem Bulls eye zo nog een geheel andere betekenis. Zeker voor de aanklager die dit jaar graag herkozen wil worden en 30.000 e-mails bestudeerde.

Wie schrijft nog een brief? De e-mail ontpopt zich vooral in de financiële wereld steeds vaker als smoking gun bij het bewijzen van vermeende misstanden. Hoeveel ex-werknemers van het gesneefde Enron zitten thuis te bibberen, bang dat hun toen zo onschuldige e-mail het sluitstuk blijkt in de bewijsvoering tegen hen?

Eén zakelijke e-mail kan reputaties en carrières ten gronde richten. Paul Volcker, de voorganger van Alan Greenspan, zag dat zijn verzoek bij Enron tot donatie aan de internationale accountantsorganisatie IASB, waar hij voorzitter is, de wereldpers haalde.

Een Britse spindoctor van de minister van Transport stuurde vlak na 11 september een e-mail rond in het ministerie dat dit hét moment was om slecht nieuws naar buiten te brengen. Een groot deel van de bewijzen die in de Enron-affaire worden verzameld betreffen e-mails, net als bij de rechtszaken tegen de marktdominantie van Microsoft.

Bestuurders die de mediarevolutie niet hebben kunnen bijbenen, zitten vaster in het zadel dan ooit. Het wachten is op de eerste oekaze dat medewerkers moeten stoppen met al dat geë-mail, niets op papier, wat niet weet, wat niet deert. Toch maar weer terug naar de oude vertrouwde parkeerplaats om afspraken te maken die gevoelig liggen.