Enron rekent op 100 miljard dollar claims

De vrijwel failliete Amerikaanse energiehandelaar Enron verwacht 60 à 100 miljard dollar (68 tot 113 miljard euro) aan schadeclaims te ontvangen van gedupeerde schuldeisers en beleggers.

Dat heeft de nieuwe topman van Enron, S. Cooper, gisteren gezegd in een toespraak tot het personeel. Hij verwacht dat Enron de huidige crisis zal overleven, maar waarschuwde zijn werknemers dat er uiteindelijk een veel kleiner bedrijf zal overblijven.

Enron kwam in problemen toen bleek dat het concern met creatief boekhouden zijn winst kunstmatig omhoog had gebracht. Toen het zijn cijfers vervolgens moest aanpassen, verloren beleggers en kredietverstrekkers heel snel het vertrouwen in het concern.

Cooper is bezig met het schrijven van een ,,substantieel'' reorganisatieplan, dat vele duizenden banen gaat kosten. Cooper ziet een nieuw Enron voor zich dat zich zal terugtrekken op de beide Amerikaanse continenten. Daarbij zal het zich vooral concentreren op de Amerikaanse staten Florida en Californië en Brazilië.

Uitvoering van zijn plan hangt voor een groot deel af van de bereidheid van crediteuren mee te werken aan de nieuwe stategie. Zij kunnen ook kiezen voor verkoop van alle bezittingen van Enron om op die manier de schulden af te lossen. Topman Cooper constateerde in zijn speech aan het personeel dat Enron de afgelopen maanden het mikpunt is geworden voor alles wat verkeerd gaat in het Amerikaanse bedrijfsleven. Van de andere kant, erkende hij dat bij Enron fouten zijn gemaakt. ,,We moeten nu niet doen alsof er niets is gebeurd.''

Cooper raadde het personeel aan om schoon schip te maken: ,,De enige manier om geloofwaardig te worden, is geloofwaardig te zijn.'' Hij zei alle medewerking te verlenen aan het justitiële onderzoek en is bereid alle informatie te geven als dat nodig is.

Gisteren werd de brief gepubliceerd die voormalig Enron-bestuurder J. Baxter drie maanden geleden schreef, kort voordat hij zelfmoord pleegde. In zijn afscheidsbrief was hij mild over zijn werkgever. Belangrijkste overweging voor zijn daad was dat hij na de ondergang van Enron zijn trots had verloren. `De pijn is enorm. Zo kan ik niet verder leven', zo schreef hij aan zijn vrouw en twee kinderen.