Rond koopadvies hangt een luchtje

De reputatie van analisten van de grote Amerikaanse zakenbanken staat onder druk. Maken de koersvoorspellers zich schuldig aan verstrengeling van belangen?

Merrill Lynch is verdacht. Maar mogelijk ook Goldman Sachs, Credit Suisse First Boston en Salomon Smith Barney. De Openbare aanklager van de staat New York, E. Spitzer, onderzoekt of analisten van Merrill Lynch in het verleden met twee maten hebben gemeten bij beleggingsadviezen. Ten nadele van de kleine belegger.

In rapporten zouden regelmatig positieve adviezen hebben gestaan, terwijl de analisten in werkelijkheid geen goed woord overhadden over voor de desbetreffende bedrijven. Maar ja, de ondernemingen waren wel lucratieve klanten van de investmentbank-divisie van de banken. ,,De gewone man en zijn vrouw verliezen hun pensioen omdat wij niet willen dat de bestuursvoorzitter van onze klant boos wordt'', schreef een analist van Merrill Lynch in een email, die als bewijsmateriaal in het dossier van Spitzer zit.

Merrill Lynch is nu de klos. Spitzer zal echter naar verwachting zijn onderzoek uitbreiden naar de andere grote zakenbanken in de VS. Het kan een pijnlijke affaire worden voor de effectenindustrie. De Chinese muren in het bankbedrijf staan weer discussie. Hoe voorkom je communicatie tussen de overname, fusie en adviespraktijk van de bank en de analistenresearchafdeling? En hoe garandeer je dat beleggers, particulier en institutioneel, op gelijke voet worden geïnformeerd?

,,Dit kan de effectenbranche enorme reputatieschade opleveren'', zegt E. Sprokholt, assistent-professor finance van de universiteit van Nyenrode. Natuurlijk zal het ook in Nederland wel voorkomen, denkt hij, maar niet op grote schaal. ,,Maar de vraag is wel hoe er toezicht wordt gehouden op de Chinese muren tussen de verschillende bedrijfsonderdelen hier in Nederland. Daar kan je vraagtekens bij zetten. Misschien is dat iets voor de Autoriteit Financiële Markten.''

En zegt Sprokholt: ,,Analistenrapporten zijn een dienstverlening waarmee minder wordt verdiend dan met investementbanking.'' De positie van de analist van een grootbank is soms lastig. In 2000 was er bijvoorbeeld een conflict tussen voormalig bestuursvoorzitter van Numico, Hans van der Wielen, en een analist van ABN Amro. De laatste had een negatief rapport geschreven over Numico, waar de topman zich totaal niet in kon vinden. Voor het sombere perspectief op Numico van de analist, had Van der Wielen wel een verklaring: ABN Amro had een emissieklus van zijn bedrijf in de VS aan de neus voorbij zien gaan.

Van der Wielen eiste uiteindelijk dat de publicatie zou worden uitgesteld. De halfjaarcijfers kwamen er aan, en hij zou daardoor niet in het openbaar kunnen reageren op het rapport. Een belletje naar ABN Amro-bestuurder W. Jiskoot was genoeg voor de Numico-baas om zijn zin te krijgen. Dit voorbeeld geeft vooral aan wat voor druk er kan worden uitgeoefend op een analist.

Volgens Sprokholt zijn analistenrapporten vooral belangrijk voor kleine beleggers. ,,Ze lezen een enthousiast verhaal, waar kopen op staat. Daar bepalen zij hun beleggingsstrategie mee.'' De institutionele belegger weet beter. Een analistenrapport is een extraatje, geeft mogelijk een nieuw perspectief op een bedrijf. En als een grote belegger echt wil weten hoe een onderneming er voor staat, maakt hij gewoon een afspraak met het management.

Sprokholt: ,,Maar door de affaires zie je wel dat beleggers en media vaker contact zullen leggen met kleinere banken, waar belangenconflicten minder snel op de loer liggen.''