Nagelschaartje

Zolang ik mij kan heugen, bijt ik nagels. Niet zomaar een beetje, maar stevig. Het voelt niet als automutilatie al doet het soms pijn, en het is veel gezonder dan roken. Bij vlagen probeer ik toch van mijn vingers af te blijven. Zoals nu: er groeien al brede witte randen. Het nadeel van niet-bijten is dat je je nagels moet bijhouden met een vijl en een schaartje. Die spullen bewaar ik in mijn tas, in het vak waar ook mijn portefeuille zit.

Gisteren stond ik in Amsterdam in een overvolle tram. Mijn medereizigers bonkten in de bochten tegen me op. Opeens hoorde ik luid en hartgrondig vloeken. Een man sprong uit de deur, tierend, zwaaiend met zijn bloedende hand. Hij had in mijn open nagelschaartje gegrepen, zonder dat ik het gemerkt had. Mijn portefeuille had ik nog.