Hardenberg 20 jaar laks met brandgevaar

De gemeente Hardenberg heeft twintig jaar niet opgetreden tegen de brandonveilige situatie in uitgaanscentrum De Bonte Wever. Het centrum brandde op 7 mei 2001 volledig af.

Volgens een rapport van het Nederlands Instituut voor Brandweer en Rampenbestrijding (Nibra) voldeed het pand sinds de opening in 1981 niet aan de eisen van de brandweer. En de gemeente weigerde de door de brandweer voorgestelde sancties op te leggen. Hardenberg laveerde volgens het rapport tussen de belangen van veiligheid en economie. Sluiting van de Bonte Wever, dat aan 350 mensen werk bood, zou grote gevolgen hebben voor de werkgelegenheid. De gemeente durfde mede daarom geen confrontatie aan met eigenaar H. van der Most van de Bonte Wever.

Er werden wel termijnen gesteld waarbinnen aan de eisen moest worden voldaan, maar sancties werden nooit opgelegd. Ook de gebruiksvergunning werd niet ingetrokken. Het rapport, gemaakt onder leiding van de Groninger brandweercommandant Th. Faber, maakt de vergelijking met de vuurwerkramp in Enschede en de nieuwjaarsbrand in Volendam. ,,Een gedoogcultuur waar iedereen elkaar kent.''

Burgemeester W. Meulman vindt dat het gedogen in een historische context geplaatst moet worden. In de jaren tachtig heerste er grote werkloosheid in de regio. Het succes van de Bonte Wever veroorzaakte bij velen, ook in het openbaar bestuur, een gevoel van trots. Daarnaast wijst Meulman op de cultuur van het poldermodel, waarbij overleg te ver doorschiet.

De Bonte Wever, een verzameling oude fabriekshallen, was de afgelopen jaren geleidelijk uitgebreid tot een multifunctioneel uitgaanscentrum met onder meer bioscoop, hotel, vergaderzalen en zwembad. Het pand voldeed niet aan de voorwaarden van de uit 1981 daterende bouwvergunning. Het 16.000 vierkante meter grote complex werd jaarlijks door tienduizenden mensen bezocht. Al die tijd was er geen waarborg dat aanwezigen bij brand het complex op tijd zouden kunnen verlaten.

Er waren te weinig zelfsluitende deuren aanwezig, terwijl in het zwemgedeelte, waar de brand is ontstaan, rookmelders ontbraken. Op het moment dat de brand uitbrak, was het met 85 gasten relatief rustig. Bij de brand vielen geen gewonden, wel ging een naastgelegen boerderij in vlammen op. Veel buurtbewoners moesten tijdelijk uit hun huizen worden geëvacueerd. Eigenaar H. van der Most is niet geschrokken van het rapport. Hij voelt zich niet schuldig. ,,Waarom? De situatie was nu eenmaal zo.''

Volgens het Nibra zijn ook bij de bestrijding van de brand fouten gemaakt. Het personeel heeft verzuimd na de eerste rookmelding direct de brandweer te bellen. Deze werd pas na 45 minuten gealarmeerd. De brandweer richtte onnodige energie op blussen van de brandhaard, terwijl men wist dat een eenmaal uitgebroken brand zich onbeperkt kon uitbreiden.

De crisisstaf die door de gemeente Hardenberg en de brandweer is gevormd, heeft volgens het Nibra de beleidstaken onvoldoende gescheiden van de operationele taken. De gemeente was door een gemeentelijke herindeling minder voorbereid op een eventuele ramp, concludeert het Nibra.