Dutchbat was niet per se kansloos

In de rede van NIOD-directeur Blom komt een `speculatieve kanttekening' voor die door zijn aard enigszins uit de toon valt. Nadat eerst met stelligheid is beweerd dat de militaire krachtsverhoudingen Dutchbat in een eventueel gevecht ,,bij voorbaat kansloos'' maakten, wordt in deze kanttekening opgemerkt dat het ,,op politiek-psychologisch niveau'' niet ondenkbaar was dat Mladic zou zijn teruggeschrokken voor een gevecht waarin aan UNPROFOR-kant slachtoffers hadden kunnen vallen. Om diverse in de kanttekening genoemde redenen was deze gedachte echter bij niemand opgekomen.

In de gezamenlijke tv-uitzending van Nova en Den Haag Vandaag van woensdagavond vertelde prof. Blom dat over de opname van deze kanttekening lang geaarzeld was. Gelukkig is tenslotte besloten de passage wel op te nemen, want voor veel Nederlanders die met plaatsvervangende schaamte de Servische videobeelden van luitenant-kolonel Karremans aanschouwd hebben, vormt dit de kern van het verhaal. Wie zegt dat Dutchbat, gezien de Servische overmacht, geen andere keus had, beoordeelt de situatie wel erg tweedimensionaal. Er is altijd nog een derde dimensie waar minder meetbare zaken als ontzag, intimidatie, respect en moed een rol spelen. Het is niet zo heel erg speculatief en zelfs nogal waarschijnlijk dat Mladic, die er geen moeite mee had zevenduizend moslims over de kling te jagen, niet met evenveel gelijkmoedigheid een bataljon blauwhelmen uit een NAVO-land zou hebben vernietigd. Als duidelijk was geweest dat Dutchbat zich met de moed der wanhoop zou verzetten, had Mladic wellicht met Karadzic of zelfs Miloševic overleg gepleegd. Dan was tijd gewonnen en had de zaak misschien nog een andere wending kunnen nemen.

Ik heb twee jaar geleden in New York deze veronderstelling eens voorgelegd aan medewerkers van de afdeling vredesoperaties (DPKO) van de Verenigde Naties, die tot mijn verrassing zonder uitzondering van mening waren dat verzet van Dutchbat niets zou hebben uitgericht en dat Mladic de dood van de Nederlanders op de koop toe zou hebben genomen. De eenstemmigheid van mijn gesprekspartners heeft mij later echter doen vermoeden dat men bij de Verenigde Naties, net als bij het NIOD, over de opportuniteit van deze speculatie geaarzeld heeft, maar dat de beslissing in New York anders is uitgevallen dan in Amsterdam.

Mr. A.P. van Walsum was vóór april 1993 directeur-generaal politieke zaken op het Ministerie van Buitenlandse Zaken en na december 1998 permanent vertegenwoordiger bij de Verenigde Naties.