Citroën DS

Een uurtje de blik laten weiden over een middelgrote stad levert doorgaans een vangst van zo'n stuk of tien op. Sommige in een onwaarschijnlijk goede conditie, bij andere is de leeftijd aan te zien en wat rest zijn de exemplaren waaraan niets meer te redden valt. Al 26 jaar uit productie en nog steeds niet van het asfalt verdwenen. Sterker nog, het komt me voor dat er elk jaar weer enkele bijkomen.

15 september 1955 was de geboortedatum en na een geheime zwangerschap die tien jaar duurde kon het publiek haar dan eindelijk bewonderen. Bijna alles aan deze auto was afwijkend en maakte in één klap haar generatiegenoten bejaard. De auto was niet het resultaat van minutieus marktonderzoek, het tonen van studiemodellen op autoshows en het angstig afwachten hoe het publiek en de raad van commissarissen er over zouden oordelen. Nee, ditmaal had men een groepje briljante knutselaars uit Italië en Frankrijk bij elkaar gezet en ze volledig hun gang laten gaan. En alles ging op de schop: het veer-, rem-, stuur- en schakelsysteem werden hydraulisch uitgevoerd, een zo licht mogelijk chassis en koetswerk, de aërodynamica deed haar entree in een massaproduct en het interieur was voorzien van kunststoffen bekleding in gewaagde kleurstellingen en een futuristisch dashboard.

Het verrukte koperspubliek vulde gedurende de Parijse Salon de orderboeken met meer dan 80.000 bestellingen. En toen men er in 1975 mee stopte, waren er wereldwijd 1.455.746 exemplaren in talloze uitvoeringen van verkocht.

Een van die kopers was ik, helaas was ze niet nieuw maar derde- of vierdehands en wat was ik trots op mijn aanwinst. Al jaren voordien was ik verslingerd geraakt aan dit glijijzer en vooral de serie met de achter glas meedraaiende verstralers en het dashboard met ronde klokken prikkelde mijn hebzucht. En dan waren er natuurlijk de Franse films waarin ze rondreden, films met Alain Delon en Jean Gabin in de hoofdrol. Zwartwit journaalbeelden waarin eigengereide Franse presidenten met hun gevolg zich voortbewogen in glimmende modèles d' administration. Mijn bewondering ging zover dat ik liftend in Frankrijk mijn hand alleen opstak als ik in de verte de karakteristieke neus zag.

Zij was in het bezit van een Pallas Prestige met chauffeur en tussenruit en pikte me wekelijks op vanaf het verwarmde hotelterras om met haar het weekend door te brengen. Ze voerde me bij, leerde me tafelmanieren en Baudelaire waarderen en voor de rest gaat het u helemaal niets aan.

Heb eens een prachtig pand in de loop der jaren moedwillig zien verloederen, zoiets kun je rustig overlaten aan de bestuurders van een oostelijk provinciestadje. Wat blijft er over van het landschap van je jeugd?

De mijne was gespoten in blanc carrare, had een dak in de kleur gris palombe en stoelen en portieren die waren bekleed met cuir noir. Wat een mooie namen – nog steeds is het een genot om langzaam en hardop de namen uit de folder van toen voor te dragen.

Na de aanschaf was het geld helemaal op. Onderhoud en aankleding moesten verder eigenhandig gedaan worden. Gefiguurzaagde, gelijmde en vervolgens gelakte speaker-boxjes uit triplex, geluidssnoeren van elektriciteitsdraad en een afgedankte eight-track speler waarvoor alleen in het dashboardkastje nog plaats was, wat het verwisselen van een bandje een riskante aangelegenheid maakte. Riders on the storm van The Doors heeft nooit meer zo mooi geklonken. Reizen door Europa werden afgewisseld met eindeloze sleutelsessies in een tochtige boerenschuur. Onderdelen als motorklep of zijspiegels die ongevraagd afscheid namen van de carrosserie. En natuurlijk aartsvijand roest, die bestreden werd met potten plamuur en primer.

Het onvermijdelijke einde kondigde zich al aan op een Zwitserse bergpas, waar de krik de achterbank probeerde op te tillen. Echt afgelopen was het toen een Poolse vrachtwagen met aanhanger rechtsaf sloeg en ons niet in de gaten had. Zodat even later mijn beide voeten in de buitenlucht priemden.

Nu zit ik in de bijrijderstoel van een perfect gerestaureerde DS in originele rallyuitvoering. De restaurateur, officieel erkend en gediplomeerd Citroënverslaafde, jaagt de auto over binnenwegen en ik krabbel wat in mijn notitieblokje: wat een motorlawaai, veel windgeruis en wel erg zachte stoelen en tapijt ditmaal.

Maar ook: wat is deze wagen nog bij de tijd, met wat aanpassingen en met de nu gebruikte technieken en materiaalverwerking moet het toch mogelijk zijn om er een ultieme versie te maken.

Maar ach, misschien is het wel beter zo, alles gaat tenslotte voorbij en wat is er dierbaarder dan een zoete herinnering, die niets kost en voor altijd intact blijft.