Kamer neigt naar enquête

In de Tweede Kamer tekent zich een meerderheid af voor een parlementaire enquête naar de val van Srebrenica. Dat blijkt uit eerste politieke reacties op het NIOD-rapport. Vijf overlevenden van Srebrenica, vier vrouwen en één man, zijn vanmorgen uit protest weggelopen bij de toespraak van NIOD-directeur Blom. Volgens een begeleidster, IKV-medewerkster Marjan Lucas, konden zij het niet verdragen dat het drama in Srebrenica werd voorgesteld als een strijd tussen het Bosnisch-Servische leger en een leger van moslimstrijders.

CDA, D66 en SP spreken zich al uit voor een enquête. De PvdA wilde aan het begin van de middag nog niet reageren. De VVD zegt de mogelijkheid van een enquête nadrukkelijk ,,open te houden'', aldus Kamerlid Wilders. Hij noemt het NIOD-rapport ,,zeer gedegen''. De conclusie dat de Koninklijke Landmacht informatie heeft achtergehouden noemt de VVD'er ,,keihard''. Meest opvallend vindt de VVD dat het NIOD grote kritiek heeft op het besluit in 1993 om Nederlandse militairen uit te zenden.

Het CDA meent in een eerste en voorlopige reactie dat de rol van de Nederlandse regering gedurende de uitzending van Dutchbat onderbelicht blijft. Met name de conclusie dat toenmalig minister Voorhoeve (VVD, Defensie) in de zomer van 1994 al constateerde dat de opdracht niet langer uitvoerbaar was, roept volgens buitenlandwoordvoerder Verhagen de vraag op ,,wat met deze wetenschap is gedaan''. Het CDA wil een ,,korte, goed afgebakende'' parlementaire enquête indien op deze en andere vragen geen duidelijk antwoord komt tijdens het debat met de regering over het rapport, dat zal plaatshebben op 25 april.

D66 noemt het NIOD-rapport in een schriftelijke verklaring ,,een hard maar genuanceerd rapport''. ,,Een snelle parlementaire enquête moet zo mogelijk nog voor de zomer afgerond worden.'' Een dergelijke enquête is nodig om ,,publieke verantwoording'' af te leggen. D66 onderschrijft de constatering dat het debacle met Dutchbat III slechts te voorkomen was geweest indien de Verenigde Naties op cruciale momenten anders hadden gehandeld. Er zijn in de weken, maanden en jaren na de val ,,belangrijke fouten gemaakt''.

Oud-minister Van Mierlo (Buitenlandse Zaken) wilde aan het begin van de middag alleen zeggen dat het rapport ,,vreselijk pijnlijk is voor iedereen. En het pijnlijkst voor degene die geen pijn meer kunnen voelen.''

GroenLinks noemt het rapport ,,vrij hard'' voor de politieke besluitvorming, zegt het Kamerlid Harrewijn. ,,Het is een aaneenschakelijking van politieke fouten geweest.''