Deetman wil einde protest asielzoekers

Burgemeester Deetman van Den Haag wil een einde maken aan een protestactie van uitgeprocedeerde asielzoekers in de hal van het Haagse stadhuis. Zij zijn bij de gemeente ,,op het verkeerde adres'', zei hij gisteren na een gesprek met de demonstranten.

De groep, die uit zo'n dertig uitgeprocedeerde asielzoekers bestaat, bivakkeert sinds vrijdag dagelijks tot sluitingstijd 's avonds in de hal van het Haagse stadhuis. Zij is niet van plan weg te gaan, aldus een woordvoerder.

De asielzoekers, vooral Somaliërs en Irakezen, willen ,,een oplossing'' omdat zij door de gemeente uit hun huis zijn gezet of worden gezet. Volgens de organisatoren gaat het om 191 mensen in Den Haag. Drie gezinnen zijn uitgezet.

Deetman heeft de groep voorgehouden dat de gemeente geen andere keuze heeft dan de nieuwe vreemdelingenwet uit te voeren, zei hij gisteren. Asielzoekers mogen niet langer voorzieningen zoals huisvesting van gemeenten krijgen als zij geen uitzicht hebben op een verblijfsvergunning. Niet alleen in Den Haag, maar in het hele land leidt dat nu tot uitzettingen van asielzoekers die, vaak na jaren procederen, zijn afgewezen en de huur niet meer kunnen betalen.

Volgens Deetman leidt dat soms tot omstandigheden ,,die je door het hart gaan'', zoals de uitzetting van moeders met jonge kinderen. Maar hij vindt het ,,niet passend'' als gemeenten om die reden uitwegen zoeken voor het rijksbeleid. Protesten moeten worden gevoerd bij staatssecretaris Kalsbeek (Justitie) of de Tweede Kamer, aldus Deetman. Als voorzitter van de verenigde gemeenten (VNG) uitte hij wel kritiek op de druk die bij de gemeenten ligt voor de uitvoering van het vreemdelingenbeleid: ,,Alle vuile was komt in laatste instantie bij de gemeenten, dat kan niet.''

Tweede-Kamerlid Halsema (GroenLinks) kwam gisteren in de Tweede Kamer in aanvaring met staatssecretaris Kalsbeek (Justitie) over de Haagse actie.

Volgens Halsema handelt het rijk in strijd met internationale verdragen over kinderrechten, die voorschrijven dat zij niet op straat mogen worden gezet. Volgens Kalsbeek mogen die verdragen echter ,,niet zo worden uitgelegd dat een kind een ticket voor verblijf is''.