Taxatiefout

De Franse generaal Bernard Janvier was bij de val van Srebrenica, in juli 1995, commandant van de VN-vredesmacht in voormalig Joegoslavië en daarmee de militair hoogst verantwoordelijke. Hem is verweten systematisch en ondanks verzoeken van Nederlandse VN-troepen geweigerd te hebben luchtaanvallen uit te voeren op Servische troepen rondom de enclave. Hij werd ervan verdacht de Servische opperbevelhebber Mladic de garantie te hebben gegeven geen luchtaanvallen uit te voeren in ruil voor vrijlating van een honderdtal gegijzelde VN-soldaten.

Janvier, in 1999 gepensioneerd, heeft de beschuldigingen altijd afgewezen. Hij is over zijn rol in `Srebrenica' gehoord door een VN-commissie en daarna door een commissie van de Franse Assemblée. De Franse commissie rapporteerde eind vorig jaar in meerderheid niet te geloven in een akkoord met Mladic. Wel luidde één van de conclusies dat Janvier een ,,overduidelijke taxatiefout ten aanzien van de Servische bedoelingen'' had gemaakt. Het rapport noemde hem bovendien exponent van een `specifieke cultuur' die voorrang gaf aan de bescherming van de levens van de eigen soldaten boven die van de bevolking die zij geacht werden te beschermen.

Janvier voelde zich door het Franse rapport aangetast in zijn eer en ,,belachelijk gemaakt door de verschillende politici die uit eigenbelang handelen''. Hij herhaalde zijn kritiek op Dutchbat, dat volgens hem had moeten vechten.

Aan deze pagina werkten mee: Raymond van den Boogaard, Steven Derix, Yael Vinckx, Pieter Kottman, Robert van de Roer en Merel Thie.